Berichten

Burn–out, het is anno 2019 wel een heel erg ‘brandend’ actueel thema geworden. Als dat geen contradictio in terminis is, dan weet ik het ook niet… Vergeef me a.u.b. de licht – ironische ondertoon, het is absoluut geen teken van enig ontluikend cynisme (wat nota bene één van de kernsymptomen van een ‘opgebrande status’ zou zijn).

In 2015 werd de maatschappelijke kost van burn-out geschat op € 6,4 miljard, een bedrag dat de totale kost aan werkloosheidsuitkeringen (€ 5,7 miljard) ruim oversteeg. Uit recente cijfers van RIZIV blijkt dat in 2017 8-15% (zo’n 28.000 werknemers!) van de werkende bevolking arbeidsongeschikt was door burn-out en dit voor een periode van enkele weken tot 6-8 maanden of langer.

Nieuwsberichten (november 2018) onthullen dat 1 op 4 Belgen op zondag lijdt aan ‘een slecht gevoel door het werk’, 1 op 10 zich er zelfs diep ongelukkig voelt, maar in 70% van de situaties men de werkomgeving niet verlaat. Bovendien riskeert 15-20% van de werkende bevolking doorheen de loopbaan ‘ooit’ een burn-out te krijgen.

Hoe kan je van dergelijke cijfers gelukkig worden? Er is iets fundamenteels fout, zoveel is zeker, en het ligt mijns inziens niet enkel aan de werkomgeving an sich.

Wijze beleidsmensen, leidinggevenden en het naar adem happend medewerkersgros erkennen steeds meer dat burn-out geen individueel of bij uitbreiding een teamfenomeen is, maar een organisatie- en sociaal-maatschappelijk symptoom is van een ‘steeds-meer-en-snellere-vooruitstuw-en-spuw-cultuur’.

Over wat hebben we het nu eigenlijk, feitelijk?

Met het oog op een goede definitie van burn-out heeft de Hoge Gezondheidsraad (september ’17) ervoor gekozen, zich te beperken tot burn-out in een professioneel kader. Burn-out werd gedefinieerd als:

de uitputting die het gevolg is van een (langdurig) gebrek aan reciprociteit tussen de investering en wat iemand ervoor terugkrijgt. Dat heeft een impact op de beheersing van de emoties en het cognitieve vermogen, wat op zijn beurt kan leiden tot een verandering in het gedrag en de attitudes (mentaal afstand nemen). Dit leidt dan weer tot een gevoel van professionele onbekwaamheid.”

Wat een definitie! Komt dus volgens deze definitie neer op een chronisch onevenwicht tussen wat je professioneel gegeven hebt en wat je ervoor in de plaats hebt gekregen. Voor velen een wellicht heel herkenbare zaak. Alleen leidt dit onevenwicht niet bij iedereen gaandeweg tot toenemende uitputting, verbittering en gevoel van ‘nog weinig te kunnen’. Er is dus meer aan de hand..

Burn-out is, net als stress (en bij uitbreiding vele psychiatrische stoornissen, check), een heel rekbaar containerbegrip. En containerbegrippen zijn m.i. als hedendaagse minirokjes: ze worden alsmaar breder, ze onthullen doorgaans wel iets interessant, maar als puntje bij paaltje komt verbergen ze veelal de diepte van de zaak. #droog

Het is dus stellig aan te raden om niet te snel zelf een diagnose in de mond te nemen en zich daarentegen te beroepen op één of meerdere deskundigen (arts, psychiater, psycholoog) aangezien er een klinisch differentiatieonderzoek moet gebeuren die bijv. uitsluit of het niet om een majeure depressie, persoonlijkheidsstoornis en neurologische (degeneratieve) aandoening gaat. De gelijkenis met depressieve symptomen bijvoorbeeld is frappant maar bij een depressie overheerst vaak (en kort door de bocht) ‘het niet meer willen’, terwijl bij een burn-out ‘het niet meer kunnen’ centraal staat.

Een collectieve (en triestige) neerwaartse spiraal

Werkgebonden stress en burn-out worden gezien als dé ziektes binnen het werkveld van de 21ste eeuw. Ook binnen de Vlaamse overheid worden we er dagelijks mee geconfronteerd. Sinds 1 september 2014 werd ook de welzijnswet gewijzigd waardoor werkgevers verplicht zijn om de nodige maatregelen te nemen om psychosociale risico’s – inclusief risico’s voor burn-out – te voorkomen.

We groeien ‘mijns inziens’ precies ook steeds meer (en tot groot jolijt van de farmaceutische, verzekering-, vorming-, coaching- en therapeutische industrie) meer naar een zgn. ‘burn-out samenleving’:

een weinig samenhangende en toenemende geïndividualiseerde en gefragmenteerde verzameling van overladen en overprikkelde automatische piloten, die (1) goochelen met multitasking, (2) hoofd- versus bijzaken nog moeilijk kunnen onderscheiden, en vooral, (3) die emotioneel vervreemden van zichzelf, buren, geliefden en anderen, en die (4) gulzig dopamine-verslaafd compenseren met medicatie, smartphone e.a. roesmiddelen, overvloedig consumeren, vluchten in absenteïsme, presenteïsme en met onbetrokkenheid als desastreus neveneffect.

In een tijdperk waarin de mogelijkheden en kansen quasi onbegrensd zijn is de biopsychosociale gezondheid bij eenieder ver zoek, net als het innerlijk levenskompas trouwens. Burn-out is in die zin een groeiend sociaal-maatschappelijk syndroom dat een collectieve verdwal/zing en vereenzaming maskeert. Het is m.a.w. te kortzichtig om dit gehypet fenomeen enkel binnen de contouren van jobcontext en -satisfactie te beschouwen.

Misschien moeten we – zoals Jean-Marie De Decker het strijdvaardig omschrijft meer gaan ‘bumperen’ ipv te ‘pamperen’, meer recht- dan kromveren, meer sociaal verdampen ipv verkrampen. Think about it. Een collectief gedoogde pamperpolitiek bestendigt quasi altijd de kleuterattitude. En de kleuters van nu zijn de ouders en leiders van straks. Straffere taal dus.

Het vuur brandende houden in burn-out tijden vraagt niet alleen diepe wortels en sterke vleugels maar ook het doorbreken van de klassieke paternalistische kijk op werk, die zorgt voor de instandhouding van afhankelijkheid en aangeleerde hulpeloosheid. Met de werkomgeving als herinnering aan de afwezige ouder. Waardering en motivatie dient finaal meer intrinsiek te groeien en minder van extrinsieke aard te blijven.

Deze “Sunday neurosis”, dixit Viktor Frankl is al heel oud. Lees zijn “Mens search for meaning”. Het is m.i. meer dan ooit tijd om naar een diepe cultuurwijziging te evolueren niet in de eerste plaats van de werkomgeving maar binnenin het individuele bewustzijn, ook al helpt het natuurlijk dat elke onderneming deze ‘shift’ ook doormaakt.

Met respect voor de complexe realiteit waarin we leven, de disharmonieuze toestand waarin we (kunnen) verkeren, en de lessen die ouderen en stervenden ons blijven influisteren weerhoud ik drie boodschappen voor eenieder (de werkenden maar ook niet-werkenden onder ons).

I. Wie te vaak naar vakantie verlangt leeft wellicht verkeerd

Leven van weekend naar weekend en van verlof naar verlof is om problemen vragen. Temeer omdat er slechts 52 weekends zijn die dan vaak ook opgaan in verplichte gezins- en familiale activiteiten. Bovendien zijn er gemiddeld 30-40 verlofdagen (als je voltijds werkt) die dan ook volgepropt worden om zo weinig mogelijk te ‘missen’.

We zijn gewoonteverslaafd en beseffen amper welke ballast we meezeulen. Zicht krijgen op jouw rugzak (de diverse lagen, de zwaarte én duur van irritaties, frustraties en aanslepende zorgen) en de herevaluatie naar zinvolheid en bruikbaarheid zijn daarom belangrijk in het verschuiven van de prioriteiten en de levensfocus. ‘Wat boeit me nu werkelijk (en wat niet), waar ga ik vooral van branden (en wat niet meer)?’, zijn dé vragen die echt om diepere confrontatie vragen.

Het meisje in de regen indachtig, de bottom line is deze: jouw leven is een geschenk, daarom is jouw beschikbare tijd als 100% vakantietijd te beschouwen, met focus op wat werkelijk telt, voor jou, en op wat jij wil doen met je tijd, je leven, je talenten en dromen. Verantwoordelijkheid is dus niet enkel het herhalen en kopiëren van anderen, maar vooral zelf- en eindigheidsbewust het vakantiegevoel aanhouden en cultiveren in alles wat je doet.

II. Het ligt niet allemaal aan jou (alleen)

Het burn-out fenomeen is een complex samenspel van interne en externe, bewuste (zichtbare) en onbewuste (onzichtbare), professionele én niet professionele factoren. De toestand van uitputting of het opgebrand zijn is slechts het topje van een slapende vulkaan en vaak het gevolg van een (chronisch sluimerend) proces van onevenwicht tussen wat we verdragen (hebben) en waar we werkelijk heen willen. Opvoeding, belangrijke (niet-verteerde) life-events, relaties kunnen daar dus ook een rol in spelen.

Er zijn dus niet enkel de persoonlijke maar ook de contextuele omstandigheden, binnen en buiten de werkomgeving. Die lakse niet-empathische leidinggevende, de zuurstofarme werkplek, de negatieve sfeer, de pesterijen, etc., daar verwijzen we ook meestal eerst naar, zeker als het over onszelf of dierbaren gaat. Als het echter gaat over vreemden of personen waar we minder sympathie voor voelen, is het meestal andere koek. In de psychologie noemen we dat een ‘attributiefout’ (één van de vele denkfouten) : de neiging om te vaak naar interne factoren te verwijzen ipv de externe ook in rekening te brengen (zeker bij anderen).

Kort samengevat. Er is de zeer herkenbare tendens van (1) met steeds minder, steeds meer te moeten verwerken, (2) de toenemende administratieve verplichtingen, (3) de collectieve online-modus, (4) de krimping van ons tijd-, ruimte- en ordegevoel, (5) het gemis aan helden… ‘Drukte’ is er – in de marge – trouwens niet enkel in onze agenda, maar ook op onze wegen, in het straatbeeld, er is de vergrijzing enz. We zijn met veel, veel teveel en we nemen elkaars tijd en ruimte in, gevraagd, maar ook vaak ongevraagd en ongepast. Wist je dat er wereldwijd dagelijks 200.000 mensen bijkomen?! In 2065 zouden er tien miljard mensen op aarde leven. Think again.

III. Je hebt wel degelijk meer invloed dan je denkt

‘Je hoeft niet ziek te zijn om beter te worden’, zei één van mijn cliënten ooit. Groeien uit de zwaarte van je leven naar meer lichtheid is een moeilijke weg, maar wel één die veel wijsheid baart.

Bij een toenemende ervaring van ‘opgebrand zijn’ daalt het gevoel van autonomie, zelfvertrouwen en verbondenheid. Hét sleutelbegrip hierbij is : ‘controle‘.

In tijden van teveel (dis)stress verdwijnt ons controle(gevoel) waardoor we ons absurd genoeg nog meer gaan inspannen om dat gevoel van ‘controle’ terug te verwerven. Een overprikkelde ‘sympaticus’ (de gaspedaal van ons autonoom zenuwstelsel) smacht in feite naar het omgekeerde maar geraakt niet uit ‘de ban’, tot de veer(kracht) breekt. Onderweg vertoont ons zorgzame lichaam wel al voldoende signalen (vermoeidheid, prikkelbaarheid, geheugenklachten, hartkloppingen, hoofdpijn, gedaalde frustratietolerantie, psychosomatische klachten, …) waar we vooral ‘ontkennend’, ‘minimaliserend’ op reageren. Men gaat maar door op hetzelfde elan want “ja maar” en “de plicht roept”… tot een toestand wordt bereikt waarbij het helemaal niet meer gaat.

Evolueren van een kwantitatief naar een kwalitatiever leven vraagt echter bezinning over je kleine en grote keuzes, de bouwstenen van je leven, grondig opruimwerk, een toekomstgerichte herplanning, en herwaardering van leegte, ruimte en stilte om creatief te kunnen herbeginnen. Ik verwijs hierbij verder naar de 9 voedzame take aways, het belang van pauzeren op minstens deze 3 domeinen en het ontwikkelen van een reisattitude in het leven.

Mijn vurig slot in een notendop:

“Keep your fire burning en leef nu, het is al veel later dan je denkt…”

– Steve Van Herreweghe –

We leven in ON-line tijden.

De PLAY-toets is quasi permanent ingedrukt, tussen REWIND of FORWARD wordt kwistig geswitcht, de STOP- en PAUZE-toets lijken wel weeskinderen die uit de aandacht en agenda zijn verbannen (tenzij het van moeten is, ziekte ons dwingt, of als vakantie nadert, hoe kort ook).

Onze mentale focus is hoofdzakelijk gericht op “straks, morgen, gisteren, vorig jaar, volgende week, volgend plan, de vorige en volgende vakantie,” onze actiemodus staat op “gaan, blijven gaan, niet stoppen, doorgaan, opgeven is voor watjes en stilstaan is achteruit gaan.”

Het momentum is niet langer, het ‘hier-en-nu’ lijkt slechts op een zomerkamp voor spirituele zonderlingen.

Alles blijft ook maar doordraaien, ook wij, en niet in het minst onze gedachtestroom, onze gewoontes en onze routines. Tijd om bij te tanken vinden we amper, vakanties en weekends zijn niet alleen wat druppels op een verhitte plaat, ze geraken steeds meer eivol. De levenskwaliteit verwordt tot ijdele hoop en burn-out loert om de hoek. Leegte, stilte, niksen, we hebben het ergens afgeleerd. Voelen doen we enkel nog als we ergens tegen aan botsen, of tegen iemand, of als we ziek zijn.

Lichaam, geest, ziel en omgeving vormen een eenheid. Iets wordt ‘ziek’ als het ‘zoek’ is in die eenheid. Ziekte is een kans tot herstel van het natuurlijk evenwicht. Echter, je hoeft niet ziek te zijn om beter te worden, zo leerden patiënten mij trouwens ‘onderweg’…

Vandaar een oproep om dagelijks – te midden van al je gedachten, je activiteiten en drukte – wat meer de ‘pauzetoets’ te gebruiken om zo meer te kunnen genieten en vooral bewust te leren worden van het moment. Om jezelf, je lichaam én ziel de kans te geven dat hoofd van je te kunnen blijven bijbenen. Om te kunnen voelen ook, en zo weer rustiger in (her)verbinding te komen met je omgeving, je dierbaren, jezelf vooral.

Pauzeren vòòr je moe wordt

Intenties alleen werken niet. En pauzeren als je al moe bent is in feite te laat. Elke dag je pauzemomenten vooruit plannen en ze consequent uitvoeren is het devies. Pauzeren vraagt immers geen tijd. Net als ademen. Het is een kwestie van bewuster ‘de tijd of adem’ in je op te nemen, te ervaren en los te laten.

Hoe?

  • Plan er dagelijks 3-5 per dag (kleintjes en grote). Start je dag wat vroeger en ga dus ook wat vroeger slapen. Meer tijd en ruimte om wakker te worden, te verfrissen, te ontbijten en dus ook ook je dag te plannen, zorgt voor een beter tijd- en ruimtegevoel.
  • Vertragen is ook een goede tussenweg. Trager eten en kauwen ook, en ‘t liefst zittend eten en enkel je aandacht bij je eten houden.
  • Adem 10x per dag wat bewuster in en uit. Bij elk rood licht een paar x bewust in- en uitademen, eventueel via je buik.
  • Maak wat meer oogcontact en glimlach eens naar 2 vreemden die je die dag ontmoet.
  • Zet die notificaties op je smartphone enkele uren per dag uit of schakel de vliegmodus in.
  • Gebruik meer je zintuigen dan je denken: kijk naar vogels, ruik aan bloemen, proef nieuwe dingen, oefen met aanraking en knuffels.
  • Maak van pauzeren een nieuwe gewoonte. Elke dag pauzeren met je partner en kinderen, van Q-time een dagelijkse gewoonte maken bevordert de intimiteit en dus ook de gezondheid.
  • Ook op het werk je pauzes plannen en nemen, ook als je niet rookt, even 3-4 x per dag een prikkelarme omgeving opzoeken. Een powernap op een bankje nadien, even je lichaam scannen van je voetzolen tot aan je hoofdhuid en terug. Pauze vragen tijdens vergaderingen, tijdig naar toilet gaan, tijdig naar huis gaan, noteren wat je morgen zal doen, je werk niet meenemen naar huis.

Pauzeren vòòr je oordeelt

We moeten eerlijk zijn hierover. Oordelen is een favoriete bezigheid van overvolle, vaak gesloten en egogerichte geesten. In ‘the rush’ van ons leven is er steeds minder ruimte voor onbevangenheid, diepgang, beschouwing en bedachtzaamheid. Ons hoofd bulkt van de instant meningen, standpunten en de tong volgt snel, want de klok tikt nu eenmaal. Dieper nadenken, eens doorvoelen, eventueel een extra vraag stellen en zelfs het antwoord ook afwachten, het wordt steeds moeilijker. Jammer, maar helaas. Niemand die er in feite zelf van houdt en toch bezondigen we er ons aan, meerdere keren per dag: over het nieuws, andere weggebruikers, de politiek, onze collega’s, klanten, chef, over onze vrienden, partner(s), kinderen, en ja ook over onszelf. Oordelen is de vader der denkfouten, het werkt zeer destructief  en creëert verdeeldheid en isolement in de maatschappij en in al onze relaties.

En toch is het belangrijk in ons dagelijks leven en onze relaties, zowel privé als professioneel dat we meer mentaal beschikbaar zijn, meer ruimte hebben aan de binnenkant, meer ruimte maken voor anderen.

Hoe?

  • Bouw het veelpraten in gesprekken af. Hou het korter en meer to the point. In een gesprek hoeft niet steeds alle informatie van jou te komen. Zie ontmoetingen als kansen om bij te leren.
  • Stel je onmiddellijke mening wat langer uit, denk eerst goed na, empathiseer vooral, check bij de ander hoe die de situatie ziet.
  • Vermijd te snelle offensieve of defensieve reacties zoals “ja, maar” en laat je verrassen door de informatie van de ander. Wat als een ‘6’ voor jou is, is een ‘9’ voor de ander.
  • Ken je aannames en hou je vooroordelen in de gaten, want die zoeken steeds naar bevestiging. Echt luisteren is vanuit een lege mok, waar de info van de ander kan in geschonken worden. Stel gericht vragen, wees benieuwd naar het antwoord en luister tot de laatste noot sterft.
  • Enkele acroniemen die hierbij kunnen helpen. Gebruik wat meer NIVEA (niet invullen voor een ander). Oefen met sociale LSD (luisteren, samenvatten, doorvragen), en als je denkt denk dan BON (met bedachtzame, opbouwende en nuttige gedachten)

Pauzeren vòòr je kwaad reageert

“Ik hoor niet wat je zegt want wie je bent schreeuwt zo hard.” Persoonlijkheid overschaduwt vaak de boodschap, of anders gezegd boodschappen missen quasi altijd hun doel wanneer kwaadheid overheerst. Waarom? Het overlevingsmechanisme wordt namelijk bij de ander geactiveerd en de gekende stresscopingmechanismen schieten in gang: terugvechten, wegvluchten of zelfs bevriezen. En kwaadheid werkt besmettelijk natuurlijk, weinigen die de kunst verstaan van het doorbreken hiervan. En toch is het mogelijk.

Hoe?

  • Oefen op voorhand met je fantasie. Leef je in in spannende situaties, zie jezelf rustig en beheerst reageren, voel je zelfzeker en ervaar de fierheid nadien.
  • Focus op je ademhaling, adem in adem uit, en denk vooral “jij maakt mij niet boos, ik maak mezelf boos”. Boosheid volgt vaak op een snel innerlijk besluit dat je gemaakt hebt, zonder het totaalplaatje te kennen.
  • Als jij je opwindt, durf het ook te voelen, het kloppen van je hart, de gejaagdheid in je buik, en laat het de ander ook weten. Erken dus je gevoel en onderliggend verlangen. Blijf echter gefocust op het doel en zacht in de relatie.
  • Vermijdt zoveel mogelijk zinnen die beginnen met “jij”, “jij geeft me stress” of “jij windt me op”. Draai de rollen eens om, hoe voelt het als iemand jou viseert met “jij dit of jij dat?”
  • Visualiseer desnoods een grote plakker op je mond, draai je tong 10 maal, bijt op je tanden.
  • Benoem zintuiglijk de feiten met “ik merk, ik zie, ik hoor..”.
  • Vermijd veralgemening, blijf bij de zaak.
  • Verlaat even de ruimte, het gesprek of de activiteit.
  • Hanteer het ABC-tje van woedebeheersing

Veel pauzeplezier en succes!

– Steve Van Herreweghe –

Verhalen (blijven) inspireren.

Zeker in tijden van toenemende gejaagdheid (empathie)moeheid en ook wel ons verzwakt zingevingsvermogen.

Hieronder een mooi uit het leven gegrepen verhaal over de kracht van kinderlijke spontaneïteit en moed.

Het meisje in de regen

Een klein lief meisje stond onder een luifel.

Ze had net boodschappen gedaan in de supermarkt, met haar moeder. Ze zal ongeveer 6 jaar oud zijn geweest, dit prachtige roodharige sproetige beeld van onschuld. Het stortregende buiten. Je weet wel, dat soort regen dat goten en afvoerputjes doet overstromen, zo gehaast om de aarde te raken, dat het geen tijd had om de straal wat zachter te zetten.

We stonden allemaal onder deze luifel aan de ingang van de supermarkt. We wachtten, sommigen geduldig, anderen ‘geïrriteerd’, omdat de natuur hun haastige dag in de war had gegooid. Ik ben altijd wat dromerig als het regent. Ik verdwijn in het geluid en in het gezicht dat de hemel het vuil en het stof van de wereld afspoelt.

Herinneringen van ‘rennen en spetteren’ als een ‘kind’, zo zorgeloos spelen in je gedachten, als een welkome onderbreking van een voorbije dag met zorgen en stress… Haar stem was zo mooi toen het de hypnotische trance onderbrak waar we allemaal in gevangen zaten. ‘Mama, laten we door de regen gaan rennen’, zei ze. ‘Wat?’, vroeg mama.’Laten we door de regen gaan rennen!’, herhaalde ze. ‘Nee, lieverd. We wachten totdat het wat minder wordt’ antwoordde mama. Het kind wachtte nog een minuutje en herhaalde: ‘Mama, laten we door de regen gaan rennen.’ ‘We worden doornat als we dat doen,’ zei mama. ‘Nee, dat zullen we niet, mama. Dat is niet wat je zei vanmorgen’, zei het meisje terwijl ze aan haar mama’s arm trok. ‘Vanmorgen? Wanneer zei ik dat we door de regen konden rennen en niet nat zouden worden?’ Het meisje zei kalmpjes: ‘Weet je dat niet meer? Toen je met papa praatte over zijn kanker, toen zei je: ‘Als we hier samen doorheen komen, komen we door alles heen!’ Iedereen was opeens muisstil. Ik zweer dat je niets anders hoorde dan de regen. We stonden allemaal doodstil.

De volgende minuten kwam er niemand en ging er niemand weg. Mama dacht even na over wat ze zou antwoorden. Sommigen zouden het weglachen of haar voor gek uitmaken. Sommigen zouden zelfs negeren wat ze zei. Maar dit was een moment van affirmatie in een kinderleven. Een moment van onschuldig vertrouwen, dat wanneer het gevoed en verzorgd wordt, zal bloeien in geloof in de goede dingen en de hoop van het leven.’Lieverd, je hebt gelijk. Laten we door de regen rennen. Als het zo moet zijn dat men ons vanuit hierboven nat laat worden, nou, dan hadden we misschien juist een wasbeurt nodig,’ zei mama. Daar gingen ze. We stonden daar allemaal te kijken en te lachen, toen ze daar vooruit sprongen tussen de auto’s door, en jawel, door de plassen. Ze hielden hun boodschappentassen boven hun hoofd voor het geval dat. Ze werden doornat. Maar ze werden gevolgd door enkele anderen die schreeuwden en lachten als kinderen onderweg naar hun auto’s. En ja, ik ook. Ik rende en werd nat. Ik had ook een wasbeurt nodig.

Omstandigheden of mensen kunnen je geld, je materiële bezittingen en je gezondheid wegnemen. Maar niemand kan ooit je dierbare herinneringen wegnemen … Vergeet daarom niet om ‘tijd’ te maken en de gelegenheden te pakken om elke dag herinneringen te maken. Voor alles en voor elk doel onder de hemel is er een seizoen en een tijd.

– Steve Van Herreweghe –

“Dit mens-zijn is een soort herberg. Elke ochtend weer nieuw bezoek. Een vreugde, een depressie, een benauwdheid, een flits van inzicht komt als een onverwachte gast. Verwelkom ze; ontvang ze allemaal. Zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt, die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat. Behandel dan toch elke gast met eerbied. Misschien komt hij de boel ontruimen om plaats te maken voor extase. De donkere gedachte, schaamte, het venijn. Ontmoet ze bij de voordeur met een brede grijns en vraag ze om erbij te komen zitten. Wees blij met iedereen die langskomt. De hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd om jou als raadgever te dienen.” (De Herberg, Rumi)

Jalāl ad-Dīn Muhammad Balkhī, ook bekend als Rumi, was een 13e-eeuwse Perzische dichter, jurist, theoloog en soefi-mysticus. Zijn gedichten zijn op grote schaal vertaald in veel van ‘s werelds talen en omgezet in verschillende formaten.

Levensvragen, het zijn logge vragen, vragen die aandacht nodig hebben, vaak nog meer vragen doen rijzen, in plaats van antwoorden te baren.

Spreuken, quotes, aforismen, gedichten, muziek, film, kunst, ze vormen allemaal slechts humane en tijdelijke pogingen om het ondefinieerbare en eeuwige te beschouwen, dit niet zozeer in te kapselen, maar het te ontrafelen, te ontwaren, en het liefdevol te aaien.

Hieronder mijn poging om 8 kleine levenslessen te destilleren uit mijn favoriete lijst van Rumi’s mooiste citaten (bewust niet vertaald).

1. De grootsheid schuilt in jou: durf je te openen en maak er gebruik van

Idealiseer niet te veel, noch te vaak en waardeer en bewonder steeds met mate. Kijk wat minder naar buiten, wat meer naar binnen, graaf naar en ontwaar je eigen schatten.

Rumi citeert:

“What is planted in each person’s soul will sprout.”
“The light which shines in the eye is really the light of the heart.”

“There is a fountain inside you. Don’t walk around with an empty bucket.”
“I smile like a flower not only with my lips but with my whole being.”

2. Grenzen zijn illusies: wees moedig en daag al je angsten uit

Beperkingen zijn vaak verouderde ideeën die tot verhalen leiden. Verhalen kunnen je hinderen, je gevangen nemen maar je ook verrijken. Kies bewust voor verhalen die jou uitdagen, jou inspireren, jou grenzen doen verleggen.

Rumi citeert:

“As you start to walk out on the way, the way appears.”
“Run from what’s comfortable. Forget safety. Live where you fear to live. Destroy your reputation. Be notorious.”
“It’s easy to stand with the crowd, but it takes courage to stand alone.”
“Don’t be satisfied with stories, how things have gone with others. Unfold your own myth.”

3. Pijn is een leraar in vermomming: omarm je tegenslagen

Zeg ja tegen pijn, het verzacht het lijden. Verzet, hoe menselijk ook, is de duivel van aanvaarding. In het huis van tegenslag schuilen mooie kamers, ontdek ze met moedige nieuwsgierigheid.

Rumi citeert:

“The wound is the place where the light enters you.”
“Don’t worry that your life is turning upside down. How do you know that the side you are used to is better than the one to come?”
“If you are irritated by every rub, how will you be polished?”
“You have to keep breaking your heart until it opens.”
“The moment you accept what troubles you’ve been given, the door will open.”

4. De waarheid woont binnenin: sluit je ogen meer, maak een innerlijke reis

Waarheden zijn er overal, kleine, grote, oude en nieuwe. Ze bestaan in allerlei talen en vormen. Maar, ze zijn altijd relatief en nooit absoluut. Je bezit – net als elke mens –  een unieke oorsprong, bestemming, talentenpakket en ontwikkelplan. Ontdek en doorleef je eigen waarheid.

Rumi citeert:

“Your task is not to seek for love, but merely to seek and find all the barriers within yourself that you have built against it.”
“When the world pushes you to your knees, you are in the perfect position to pray.”
“Everything you see has its roots in the unseen world. The forms may change, yet the essence remains the same.”
“I am not this hair. I am not this skin. I am the soul that lives within.”

5. Je bent en hebt al wat je zoekt: wees gelukzaligheid en accepteer de wereld als je spiegel

Willen wat je hebt is even essentieel als streven naar wat je nog niet hebt. Er is voor alles een tijd en een rijping. Vergeet niet te genieten onderweg, het is altijd later dan je denkt.

Rumi citeert:

“Wear gratitude like a cloak and it will feed every corner of your life.”
“What matters is how quickly you do what your soul directs.”
“What you seek, is seeking you.”

6. Liefde overwint alles: verander je verhalen, verander ze in liefdesverhalen

Van alle zoetheden is de liefde is het allerzoetst. Proef, geniet en waardeer, maar geraak er niet aan verslaafd. Gebruik haar tevens als middel bij teveel zuur en bitter in je leven.

Rumi citeert:

“Love is the bridge between you and everything.”
“Be foolishly in love, because love is all there is.”
“There is no way into presence except through a love exchange.”
“I belong to no religion. My religion is love. Every heart is my temple.”
“Love risks everything and asks for nothing.”

7. Stilte is het eeuwige goud: luister meer, luister dieper en luister langer

Geluid is er overal, stilte ook, voor wie wilt en durft te verstillen. In het hart van stilte woont wijsheid omringd door de ribbenkast van weerstand. Heb geen schrik van interne ruis, finetuning is een langzaam leer- en groeiproces.

Rumi citeert:

“The quieter you become, the more you are able to hear.”
“Silence is an ocean, speech is a river. Silence is the language of God, all else is poor translation”

“Carry your baggage towards silence , when you seek the signs of the way.”
“Love calls – everywhere and always.”

8. We zijn allemaal verbonden: oefen in mededogen en dienstbaarheid

Waarneming is bedrieglijk, scheiding een illusie. Er is het bekende en het onbekende. Mensen zijn net als eilanden in de oceaan, aan de oppervlakte gescheiden maar in de diepte verbonden. En wie zichzelf werkelijk liefheeft omarmt tegelijkertijd de wereld.

Rumi citeert:

“Goodbyes are only for those who love with their eyes. Because for those who love with heart and soul there is no such thing as separation.”
“Not the ones speaking the same language, but the ones sharing the same feeling understand each other.”
“You are not a drop in the ocean. You are the entire ocean, in a drop.”

“If you wish mercy, show mercy to the weak.”

– Steve Van Herreweghe –

“Wie teveel naar vakantie verlangt, leeft verkeerd.”

Als doordenker kan dit wel tellen, niet? Het klopt ook, in waarheid en hopelijk ons ook (een beetje) meer wakker. Wakker waaruit dan? Uit het “doen,doen,doen” en “moeten, moeten, moeten” – deuntje waarmee we onszelf en anderen blijven opjagen en zelfs irriteren, tot het deuntje zelfs uitmondt in een doffe cynische klaagzang. Moderne voorbode van burn-out, empathie-, levens- e.a. moeheden.

We lijken wel duracellkippen geworden, met onze AAA – batterijen ontzettend in het rood: in Ademnood hijgend, zuchtend – vol van kleine en grotere Angsten – en steeds Agressiever in woord en (over)daad, opgejaagd door vreemde agenda’s, rennend naar (n)ergens, en troost zoekend in gezonde en minder gezonde afrodisiaca.  En dit i.p.v. gezond en wel én crisis’wijs’ (check podcast) het groen in: de stroom des levens Accepterend – er zich wijs aan Adapterend – en met correct assertieve Acties er doorheen groeiend.

Wel, hoe tevreden ben jij eigenlijk? Ja jij! En neen, niet enkel over je werk, maar over jezelf, je relaties, je ontwikkeling? Check eens – als je wilt en tijd hebt – via deze quick scan hoe het met je globale tevredenheid, je prioriteiten en aandachtspunten op diverse levensdomeinen is gesteld.

De kom van je leven

Op een dag werd een oude professor gevraagd een lezing te geven over efficiënt tijdsbeheer. Hij nam het woord en zei: ‘Laten we beginnen met een experiment’. Hij haalde een aardewerken pot onder de tafel vandaag en zette die voorzichtig voor zich neer. Daarna nam hij een twaalftal grote stenen die hij voorzichtig in de pot legde. Toen deze gevuld was, richtte hij zijn blik langzaam naar zijn publiek en vroeg: ‘Is deze pot vol?’. Deze vraag werd unaniem met ‘ja’ beantwoord. De professor bukte zich opnieuw en nam een pot met kiezelsteentjes. Minutieus goot hij ze over de stenen. De kiezeltjes vielen tussen de stenen tot op de bodem van de pot. Opnieuw vroeg de professor: ‘Is deze pot vol?’. Zijn toehoorders begrepen zijn opzet en één van hen antwoordde: ‘Waarschijnlijk niet…’. Daarop haalde de professor onder de tafel een zakje met zand vandaan, dat hij aandachtig in de grote pot leeggoot. Het zand vulde de plaats tussen de grote stenen en de kiezelsteentjes. Wederom vroeg de professor: ‘Is deze pot vol?’. Ditmaal schudde zijn publiek eensgezind het hoofd. ‘Goed’, zei de professor, en alsof iedereen het verwachtte, nam hij een kannetje water en vulde de pot tot de rand en vroeg: ‘Welke grote waarheid laat dit experiment ons zien?’. De moedigste antwoordde: ‘Het laat zien dat onze agenda nooit zo gevuld is als we wel denken en dat er, als we het echt willen, nog altijd wel wat tijd is voor meer afspraken en meer activiteiten’. ‘Nee’, zei de professor, ‘daar gaat het niet om … de grote waarheid die in dit experiment schuilt, is de volgende: als je niet eerst de grote stenen in de pot doet, krijg je ze er achteraf nooit meer in’. ‘Wat zijn jouw grote stenen in jouw leven: je familie,  je vrienden, je dromen, gezondheid? Als we meer belang hechten aan de futiliteiten zoals het zand en de kiezelsteentjes, zullen ze alle plaats in beslag nemen en blijft er geen tijd meer over voor de belangrijkste dingen in het leven. Daarom mag je niet vergeten jezelf de vraag te stellen wat de grote stenen van je leven zijn, om ze vervolgens in de pot te leggen’.

Het is een heel herkenbaar menselijk fenomeen dat we pas echt grondig in actie schieten wanneer we vaak al ‘te ver’ in de alarmfase vertoeven. Uitstelgedrag, het is des mensen. Wachten tot het begin van een nieuw jaar om de goede voornemens (terug) uit de diepvries te halen is in feite totaal ineffectief als strategie. Wachten op ziekte hoeft al evenmin. Je hoeft niet ziek te zijn om beter te worden, schreef een wijze ooit. Een regelmatige en dus structurele reflectie (dagelijks, wekelijks, maandelijks) daarentegen werkt veel constructiever.

De Australische palliatieve verpleegkundige Bronnie Ware verzorgt mensen op hun sterfbed. Zij schreef het boek ‘The Top Five Regrets of the Dying’. Deze vijf punten sluiten naadloos aan bij het carpe diem en het memento mori beginsel en niet in het minst Abraham Lincolns wake – up quote dat “op het einde niet zozeer de hoeveelheid jaren in je leven tellen maar eerder de hoeveelheid leven in je jaren.”

Enkele ‘take – away’ BOODSCHAPPEN (inclusief oefening) vanuit het experiment :

1. Krijg zicht op JOUW bokaal

Evolueren of veranderen vertrekt steeds vanuit een confrontatie met de realiteit, jouw realiteit. En dit kan je zelf in kaart brengen door te inventariseren waar jij al je kostbare tijd aan spendeert. Hoe ziet jouw feitelijke agenda er vandaag werkelijk uit? Uit welke ingrediënten bestaat deze? Zit er een goede spreiding in werk, privé, sociaal? Ben je gelukkig met de gang van zaken? Is er evenwicht tussen diverse domeinen (professioneel, relationeel, hobby, familie, cultuur)? Hanteer jij wel de wetenschappelijke 8 (u werk)/8 (u privé)/8 (u slaap) gezondheidsregel?

Oefening : zet je neer en noteer eens alles wat je doet van maandag – zondagavond, dit is jouw bokaal, het is tevens de vertaling van jouw prioriteiten, focus en (actueel) leven. Maak vervolgens je TO DON’T lijst eens op. Check nadien ook de vuistregels omtrent intelligent tijdsbeheer.

2. Bezinnen over je grote stenen

Heb jij zicht op je waardenschaal, jouw bucket list? Waar droom(de) jij van als kind, als tiener, als (jong)volwassene? Heb je het gevoel dat je reële agenda dicht en heel ver van je droomagenda ligt? Waar zou jij (later) spijt over hebben nooit te hebben ondernomen, gedaan, gedurfd? Wat zou ‘je toekomstige zelf’ jou adviseren? Wat als je nog 1 jaar te leven zou hebben, wat zou je dan (niet meer) doen? Wat zou je doen wetende nooit te kunnen falen? (her)Opbouw van eigenwaarde is een dagelijkse oefening, begin vandaag nog!

Oefening : maak een collage (‘moodbord’, ‘mindmap’), met in het hart jezelf en er omheen alles waar je van houdt / hield en waar je heen wenst. Proactief visualiseren begint met een inspirerend design, dat weten we van architecten. Tip : gebruik wat meer Pinterest.

3. Erover praten met anderen

Reflectie is 1 ding, het allemaal helder krijgen iets anders. ‘Praten helpt’ zo luidt het cliché, en het blijft een waarheid als een koe. Niet alleen wanneer je vastzit of jij je down voelt of zelfs helemaal het noorden kwijt. Ook om zicht te krijgen op je waardenschaal, je diepere wensen en doelen kunnen gesprekken met anderen helpen. Een goede mix van vertrouwde – neutrale en deskundige ‘anderen’ werkt nog het best. Durf hen te betrekken, tijd en steun te vragen jou om je te helpen bij de uitklaring van je diepere waarden. En als praten nog niet goed lukt, begin dan met schrijven, kleine stukjes, langere, het liefst regelmatig (15min / dag). Schrijven (‘journaling’) is trouwens een heel gezonde zelfs therapeutische start om taal te geven aan wat onduidelijk of vaag is (ook bij bij conflict en ruzie)

Oefening : werk aan een lijstje van 5-10 mensen die jou zouden kunnen helpen in je verdere onderzoek naar jezelf. Dit kunnen mensen uit je kring maar ook (en het liefst) buiten je kring zijn. Doelgerichte netwerking verhoogt je zelfsturing en veerkracht. Stuur hen een mail / smsje, of beter nog : bel hen, nu!

4. Je identiteit niet verloochenen

Leef jij je eigen leven of voel jij je eerder geleefd worden? Blijf je eerder steken in het verleden van ‘hoe (goed) het vroeger was’ of klamp je vast aan ‘hoe het zou kunnen zijn’ – fantasieën, of heb je zelfs reeds die best case scenario’s opgeborgen? Veel levenswetenschappers maken in hun betogen, boeken ea media gewag van het belang van authentiek in het leven staan als basis van dieper geluk en voldoening. Voeling krijgen met wat werkelijk telt voor jou. Want wie zich beter wil voelen, dient ook het voelen te verbeteren. Tijd, ruimte en orde scheppen voor jezelf, het kan zelfs starten met 5-10 min / dag. Lang leve de reisattitude want je werkagenda moet in je levensvalies kunnen passen, nooit omgekeerd!

Oefening : denk eens na en schrijf neer wat je zou doen mocht je slechts nog 1 jaar te leven hebben. Wat zou je minder doen, wat meer, waarmee zou je stoppen, wie zou je opzoeken, met wie zou je breken, waar zou je heen willen gaan, welke oude dromen zou je van onder het stof halen, enz. En giet dit in een persoonlijke wensenkaart.

5. Van reactief naar proactief

Veel mensen ervaren hun werk, relaties en leven als ‘reageren op de omstandigheden die hen overkomen’, of ‘brandjes blussen’, of ‘dweilen met de kraan open’. Het kan zorgen voor een daling in het controlegevoel en je mate van eigenaarschap doen afzwakken. Investeren in jezelf, je doelen, je dromen vraagt spontane en gerichte actie én dus zelfvertrouwen. Maar zelfvertrouwen groeit ook door spontane en gerichte actie. Faalangst, drempelvrees, verlegenheid, het heeft altijd betrekking met en zit vastgeroest in verhalen uit het verleden, verhalen die we zelf blijven herhalen. Om deze vervelende cirkel te doorbreken vormen creatieve fantasie en gepast assertief gedrag dé sleutel. Nieuwe verhalen creëren aan de binnenkant schept de basis voor best case scenario’s aan de buitenkant. Niemand, hoe lief, goed, deskundig ook kan je over de brug helpen naar meer zelfvertrouwen indien jijzelf niet aan die nieuwe verhalen gaat werken. Of jij nu gelooft of niet gelooft dat het kan, je hebt altijd gelijk.

Oefening :  Verdeel een A4-tje in ligstand in 5 kolommen. Uiterst links plaats je jouw frustraties. Daarnaast wat je in de plaats zou willen (wensen – doelen). Rechts ervan maak je een kolom met als titel “Ja, maar” (jouw ‘verhalen’). Rechts in de 4de kolom bedenk je een alternatieve gedachte. Uiterst rechts : “to do (+timing)”

6. Streven naar progressie ipv perfectie

Uit diverse studies blijkt een sterk verband tussen perfectionisme en (verhoogde kans op bijv.) burn – out. Perfectionisme kan motiverend maar ook verlammend en destructief werken, dit hangt af van de totale persoonlijkheidsstructuur en de effectieve graad van perfectionisme. Perfectionisten hebben een ingebakken voorkeur te focussen op wat ontbreekt, wat nog niet af is of goed is en lijden ook vaak aan uitstelgedrag. Dit wordt ook vaak als het Zeigarnik-effect omschreven (check hier). Het is dus beter je scope te verbreden via de vragen (1) van waar kom ik (2) waar wil ik werkelijk heen en zo van je dromen doelstellingen maken door ze in een plan te gieten en deze te voorzien van haalbare stappen maar ook wel uitdagende deadlines. Vermijd hierbij teveel vergelijken en angstig vooruitzien en laat ‘beter worden dan wie ik gisteren was’ voortaan je motto worden.

Oefening : Lees meer autobiografieën. Lees meer tout court. Plan een 5-10 tal / boeken jaar. Suggesties : Leef voor jezelf (Ph. Mc Graw), Hoe overleef ik mijn familie (J. Cleese), Macht der gewoonte (J. Duhigg), Denken als Da Vinci (M. Gelb). Tip: maak je lijstje en recensies op via Goodreads

7. Grenzen kennen, stellen en bewaken

Verwijzend naar het homeostatisch principe is het van belang om je (biopsychosociaal en professioneel) evenwicht niet alleen te behouden maar het ook proactief te scheppen : leren doseren dus tussen moeten én willen, tussen geven én vragen, tussen activiteit én intimiteit.

Een dag bestaat finaal slechts uit 24u en deze deel je best structureel in volgens het 8/8/8 – principe. Plannen doe je best elke dag. Rust in bouwen (4x15min) is een dagelijkse maar ook wekelijkse must (4u). Verplichte bezoeken aan ouders, familie herbekijk je best, er zijn maar 52 weekends in een jaar! Kwaliteit der contact is belangrijker dan de kwantiteit. Sommige zaken moeten nu eenmaal gebeuren, da’s waar, doe het dan wel met enthousiasme, voeg meer willen toe aan het moeten, maar ook meer moeten aan het willen. Vergeet ook niet echt contact te (blijven) maken met je geliefden (op een dagelijkse basis) en als je iets nodig hebt of graag zou willen, verwacht het niet maar vraag!

Oefening : inventariseer eens je versterkende en verzwakkende relaties met anderen en zet er naast hoeveel tijd je er telkens aan besteedt. Check ook Pauzeren kan je leren en print de infografiek Relaxeren vanuit je 5 zintuigen af

8. Ongemak als voorbode van groei

Ongemak, stress, verandering, niemand die er echt van houdt. De klassieke geneeskunde trouwens ook niet. Lang leve het comfort en de bestrijding der symptomen. Crisissen in je leven kan je anders leren bekijken, ik verwijs terug naar mijn podcast mini-reeksje rond wijze coping en enkele andere blogteksten (3 verhelderende metaforen en post-traumatische groei). Leren omgaan met pijn is trouwens een vaardigheid die van pas komt bij nieuwe moeilijkheden en tegenslagen. Deze ‘copingskills’ maken je sterker en veerkrachtiger. Dit wordt vaak vergeten terwijl het net heel normaal – natuurlijk is gezien wij ‘voortdurende in ontwikkeling zijnde wezens’ zijn. Via dit filmpje wordt verduidelijkt wat we van kreeften kunnen leren over stress, weerstand tegen verandering en groei.

Oefening : 4xG. ga eens terug in je persoonlijke geschiedenis en lijst je dieptepunten links chronologisch op een blad (Gebeurtenis). Zet vervolgens in een kolom ernaast hoe jij ermee bent om gegaan (Gedrag) en in de derde kolom wat het Gevolg hierbij was, hoe ben je er uit gekomen, wie is in je leven gekomen, wie verdwenen, wat is er veranderd? In de laatste kolom schrijf je uit wat je liever had gehad dat gebeurde (Gewenst).

9. Schakel een mentor in

“Alleen jij kan het, maar je kan het nooit alleen”, zo luidt de centrale gedachte in een bekende organisatie voor verslavingszorg. Verslaafd zijn we ergens allemaal, aan kleine en grotere zaken. Gewoontes doorbreken, evolueren van verslaafd naar toegewijd, het vraagt enorm veel moed, wilskracht en .. inspirerende helpers onderweg! Je kan veel alleen maar je hebt hulp nodig en hulp inschakelen getuigt van bijzonder veel moed, lef en proactieve intelligentie!

Succes gewenst!

Mentor nodig? Welkom!

– Steve Van Herreweghe –

“Had ik maar…”

‘Berouw komt na de zonde’, we kennen het gezegde allemaal. Je hoeft echter niet te gezondigd te hebben – in de strikte zin van het woord – om berouw en spijt te voelen over de keuzes die je hebt gemaakt of net niet hebt gemaakt in je leven.

In de jachtigheid, verleidelijkheid en turbulenties van ons leven ontbreekt het ons vaak aan diepere reflectie over onze ware en dus diepere behoeften en waarden. En dit terwijl we net het enige levende wezen zijn dat dit vermogen tot beschouwing bezit. “Life is what happens to you, while you’re busy making other plans”, zei John Lennon ooit.. We worden inderdaad soms zo overladen door wat naar ons toekomt dat het onze blik op ons ‘geliefkoosde morgen’ vertroebelt. En in ons dikwijls dwangmatig streven naar zekerheid, schuwen we krampachtig de enige echte zekerheid die we bezitten: de dood, onze dood en deze van dierbaren.

De Australische palliatieve verpleegkundige Bronnie Ware verzorgt mensen op hun sterfbed. Zij schreef het boek ‘The Top Five Regrets of the Dying’. Jullie hebben er waarschijnlijk al eens van gehoord. Oude wijn in nieuwe vaten zeer zeker, maar ze blijft wel smaken! De vijf punten waar mensen op hun sterfbed het meeste spijt van hadden lijken universele vraagstukken en liggen in de lijn van de oude Latijnse gezegden ‘carpe diem’ en vooral ‘memento mori’ ofwel ‘gedenk je sterfelijkheid’. Niet wachten op ziekte of sterfbed bijv. om kwalitatiever te leven, te geven, te voelen, te zijn … zoals je echt wil zijn. Bronnie werkte jaren op palliatieve zorgen, waar ze de laatste gesprekken met patiënten voerde. Hieronder de top 5 in de spijtlijst van stervenden.

1 Keuzes

“Ik wou dat ik de moed had gehad om mijn eigen leven te leiden. Niet dat wat anderen van mij verwachten.”

“Hier hebben mensen het vaakst spijt van,” schrijft Ware in haar boek. “Wanneer mensen beginnen beseffen dat hun leven op zijn einde loopt en ze erop terugkijken, zien ze duidelijk hoeveel dromen ze niet hebben verwezenlijkt. Dat komt dan omdat ze zelf bepaalde keuzes hebben gemaakt, of net niet hebben gemaakt.”

Het is hierbij essentieel dat we de moed vinden onze eeuwigheidswaan, onze zelf – saboterende excuses en uitstelgedrag onder ogen zien. Zolang we deze 3 belemmerende factoren niet erkennen blijven we gewoon doorgaan op hetzelfde veelal existentieel slaperige elan.

2Werk

“Ik wou dat ik minder hard gewerkt had.”

“Bijna alle mensen die ik de laatste zorgen toediende, hadden er heel veel spijt van dat ze zoveel tijd van hun leven hadden doorgebracht op het werk,” schrijft Ware.

Werken is gezond en nuttig, zeker wanneer we er passie en plezier aan toevoegen want deze bevorderen de aanmaak van gelukshormonen in ons lichaam. Vluchten in je werk echter duidt net als bij alle andere verslavingen op een onderliggende problematiek, en heeft een houdbaarheidsdatum. De werkagenda dient vooral ingebed te zijn in de levensagenda, best niet omgekeerd.

3 Gevoelens

“Ik wou dat ik de moed had gehad om mijn gevoelens uit te drukken.”

“Veel mensen onderdrukken hun gevoelens om anderen niet voor het hoofd te stoten,” schrijft Ware. “Dat resulteert dan in een middelmatig leven, waarin ze nooit helemaal de persoon zijn geworden die ze hadden kunnen zijn. Er zijn ook mensen die hier heel verbitterd door raken op het einde van hun leven, en net daardoor ziek worden.”

Velen hebben het verleerd om het kind in zichzelf toe te laten en spontaan uit te drukken wat hen innerlijk bedrukt. Het is wetenschappelijk bewezen dat onderdrukking van gevoelens nefast is voor je gezondheid. Hetgeen niet impliceert dat overmatig afreageren dat wel is. Emotionele intelligentie wijst op het rustig en zelfbeheerst kunnen zeggen wat je denkt, voelt en wilt en wat niet, en dit op het juiste moment en tegen de juiste persoon. Het betekent eveneens een verschuiving naar meer begrijpen van ipv alleen begrepen te willen worden, van ego naar ziel. Wie zich beter wil voelen dient dus m.a.w. ook zijn voelen te beteren…

4 Vriendschap

“Ik wou dat ik contact had gehouden met mijn vrienden.”

“Heel vaak beseffen mensen op het einde van hun leven pas hoe waardevol hun vriendschappen zijn. Velen gaan zo op in hun eigen leven dat ze vriendschappen door hun vingers laten glippen doorheen de jaren. Er zijn dan ook veel mensen die spijt hebben dat ze te weinig moeite en tijd in vrienden hebben gestoken, terwijl die dat wel verdienden.”

Vriendschap is als één ziel in twee lichamen, zei Aristoteles. Vriendschap schept rust, vertrouwen, en relativering, het kleurt je dag, moedigt aan en biedt geborgenheid en troost in moeilijke tijden. Maar de enige manier om dit werkelijk te kunnen ervaren en krijgen is door er zelf één te zijn of (terug) te worden. Dit vraagt dus priori – ‘tijd’, ruimte én inspanning, het liefst op regelmatige basis.

5 Geluk

“Ik wou dat ik mezelf gelukkiger had laten zijn.”

“Deze komt verbazend vaak voor. Velen beseffen niet tot op het einde van hun dagen dat gelukkig zijn een keuze is. Ze blijven steken in oude patronen en gewoonten. Ze raken gevangen in hun  ‘comfortzone’, en maken zichzelf wijs dat ze gelukkig zijn, omdat verandering hen angst inboezemt.”

Geluk zit in een klein hoekje, in het hoekje waar jij helemaal jezelf mag, kan en laat zijn. Als je gelukkiger wil worden, wees het dan, er zijn steeds redenen genoeg zelfs al vind je er geen. Jij zit aan het stuur en jij bepaalt naar waar je heen wil gaan, welke zender je opzet en wie er met je mag of zelfs moet meerijden. Gun jezelf en de besten in je leven wat meer ‘ja’, en de rest wat meer ‘neen’. En onthoud vooral dat je hart altijd en in de eerste plaats voor jezelf klopt.

– Steve Van Herreweghe –

Net terug van een memorabele 8 – daagse solorondreis doorheen Peloponessos, het grootste schiereiland van Griekenland ten zuiden van het Griekse vasteland, tevens mythologisch grondgebied der Griekse goden én bakermat van onze Westerse ‘beschaving’, wetenschap en cultuur. Van Athene naar Athene met de auto, in ‘wijze’rzin en geflankeerd door Egeïsche, Ionische en Middelandse zeeën. 1500km – vnl. fenomenale bergen, landschappen en uitzichten – later is ‘grandioos’ echt het enige woord dat in de buurt komt van deze intens verrijkende ervaring.

En dan kom je thuis en weergalmt het van de typische “en nu back 2 reality!” – reacties…

Euh, over welke realiteit hebben jullie het precies? De realiteit van het ‘moeten’? Ons gevecht met de klok? De groeiende intermenselijke do(o)fheid? De echte en ingebeelde ziektes, de inherente bepampering en commerce?

No thanks!

Vergeef me de arrogantie maar ‘geleefd worden’ is echt wel een keuze hoor, hoe groot de zwaartekracht van onze gewoontes en geautomatiseerde levenswandel ook is (geworden), hoe zwaar die obese agenda ook weegt, hoe vaak we ook met “ja, maar” – reacties schermen, hoe sterk die genotscompenserende roesmiddelen ook werken en verdoven. Het dagelijkse donker – dat we ‘onze realiteit’ noemen – smacht naar veel meer en systematisch toegepast ‘reislicht’, naar geopende ogen, handen, harten en zielen vooral. Want, wie te vaak naar vakantie zucht, leeft simpelweg verkeerd

Ik ben voor alle duidelijkheid diep ontroerd, gelukkig en vol inspiratie teruggekeerd om met nog meer historisch – filosofisch getinte diepgang mijn dromen verder te stretchen tòt ze helemaal realiteit zijn geworden. Voor minder dan het beste ga ik niet, nu niet, nooit niet, en dat geldt evenzeer voor jou, voor jullie, voor elke zichzelf respecterende ander. Het hoeft geen betoog dat het leven kort en zo voorbij is, het hoeft ook geen betoog dat je perse en effectief moet reizen om je horizon te verbreden. Het gaat veeleer om de reisattitude in het leven :

“los van elke bestemming, nieuwsgierig en onbevangen blijven voor je omgeving, je indrukken, dromen van jezelf en ook deze van anderen, het wonder der natuur, het bijzondere der (on) toevallige ontmoetingen, het geluk te kunnen ademen, te kunnen bewegen, te kunnen genieten van wat er wél is, en dit in volle bewondering voor het mysterieuze micro- en macrokosmische spel dat we lot en zelfs noodlot noemen.”

En welke lichtpuntjes haal ik verder nog uit mijn reiskoffer? Dat :

1

Ook al schenkt het solo-reizen een immense rijkdom, het delen van deze ervaringen echter is echt van onschatbare waarde

Je komt meermaals jezelf tegen, dat klopt, in de planning, de tocht, het genieten, het grootse maar ook in de stilte, de eenzaamheid, de ongeplande blokkades, het vergankelijke. Dit ervaren zorgt gevoelsmatig voor een heel rijke ervaring, het delen of liever het niet kunnen delen ervan werpt een schaduw. Geen licht zonder schaduw, zoveel is duidelijk. Het is – zoals Aristoteles zei – dat we vooral ‘in donkere momenten goed gefocust moeten blijven op het licht’. Sterretjes zien dus, in alle betekenissen. All-één leren zijn met jezelf is een kunde, all-één leren zijn met jezelf en tegelijk echt samen met één ander een ware kunst.

2

Ook al schept een goede voorbereiding rust, het is de situationele flexibiliteit onderweg die pas echt vleugels geeft

Angst is vaak een gebrek aan kennis en voorbereiding. ‘To be prepared is half the victory’, zei Cervantes, en dat klopt als een bus (als je van controle houdt). Wanneer je echter bandenpech hebt in de bergen (des levens) of Zeus je met hagel en bliksems bekogelt en daarbij je (levens)pad soms gigantisch glad maakt en slipgevaar dreigt, dan is trager rijden, een hier –  en – nu focus, en misschien wel je reisschema bijsturen de enige echte gezonde en veilige optie, tenzij je hardleers bent natuurlijk. Op die manier ontdek je ook andere plekken en mensen of de plekken en mensen op een totaal andere manier.

3

Ook al maakt zoveel natuurlijke en historische pracht je bijzonder nietig, tegelijk wakkert het de herinnering aan van onze gedeelde oorsprong én grootsheid

We zijn slechts een kosmisch stofje dat hier tijdelijk ronddwarrelt en zo weggeblazen kan worden. We worden zo gevormd door een persoonlijk, een collectief, een historisch verleden. Je kan je pas echt vrij beginnen voelen door enerzijds (h)erkenning, herinnering van én eerbied voor je eigen en collectieve afkomst én anderzijds door in dankbaarheid – om alleen en samen dit avontuur te mogen beleven – te gedijen. En tegelijkertijd bruist het van groeiend weten dat je deel uitmaakt van iets sterkers en groters dat het petje van je vaak bekrompen ego ver te boven gaat.

4

Waar je ook bent, schoonheid en helpende handen aanwezig zijn, tenminste als je ervoor openstaat, en je mond durft open te doen

De werkelijke diepe wortels van schoonheid schuilen in een open geest en hart, de ogen, die volgen alleen maar. Wie scheef denkt, kijkt scheef en gaat scheef.. Mooie uitzichten, mooie mensen, mooie dingen, ze zijn alomtegenwoordig, tenminste als je er aandacht voor hebt, het wil ontdekken en zien. Wanneer je enkel stormt doorheen de tijd, de activiteit én de intimiteit zie je niks van werkelijke waarde. En wanneer er een blokkade op je pad komt, je op pech wordt getrakteerd dan bulderlachen die grapjassen van goden in koor, want, echte ontmoetingen die vinden pas plaats wanneer in kwetsbaarheid het hart van de ander wordt geraakt, en diens handen uit de mouwen schieten.

5

Blijven werk maken van je dromen veel gezonder én leuker is dan blijven dromen over je werk

Niet wachten op verlof, ziekte, nieuwjaar of tegenslag en crisis is dé boodschap. Momenten van herbronning inplannen, dagelijks, wekelijks, maandelijks is niet enkel gezond, het zorgt tevens voor opening naar je werkelijke dromen, je diepere wensen en doelen. Alleen door grenzen te stellen schep je ruimte. Op die manier blijf je waarlijk in contact en hou je echt voeling met jezelf en je omgeving, hetgeen essentieel is in een wereld vol af- en verleiding, verblinding en vervlakking. Zo blijf je niet dromerig maar wakker, geraak je niet verdwaald maar blijf je op koers, dooft je kaars niet helemaal maar blijft ze branden, verwarmen en ook voor warmte zorgen.

– Steve Van Herreweghe –

Portfolio Items