Spijkers met gaten

Er was eens een jongen met zeer weinig zelfbeheersing. Zijn vader gaf hem een zak spijkers en zei tegen hem dat elke keer als hij zijn zelfbeheersing verloor, hij een spijker in de achterkant van de schutting moest slaan. De eerste dag sloeg de jongen 37 spijkers in de schutting. Over de volgende paar weken, toen hij leerde om zijn kwaadheid onder controle te krijgen, werd het aantal spijkers dat hij in de schutting sloeg geleidelijk aan minder. Hij zag in dat het gemakkelijker was om zijn zelfbeheersing niet te verliezen, dan al die spijkers in de schutting te slaan. Uiteindelijk, kwam de dag dat de jongen zijn zelfbeheersing niet meer verloor.

Hij vertelde dit aan zijn vader en zijn vader stelde voor dat de jongen nu voor elke dag dat hij zijn zelfbeheersing behield hij een spijker uit de schutting haalde.

De dagen gingen voorbij en de jonge man was eindelijk zover dat hij zijn vader kon vertellen dat alle spijkers waren verdwenen.

De vader nam de jongen bij de hand en ging met hem naar de schutting. Hij zei: “Je hebt het goed gedaan, mijn zoon, maar kijk nu eens naar al die gaten in de schutting. De schutting zal nooit meer hetzelfde zijn. Als je dingen zegt in woede, dan laten ze een litteken achter net als deze gaten. Je kunt iemand met een mes steken en het mes er weer uit trekken. Het maakt niet uit hoe vaak je zegt dat het je spijt, de wond zal er blijven.”

Woede, een universele emotie

Woede. We kennen het allemaal, net als het niet goed kunnen beheersen ervan.

Woede kent diverse gedaanten en is dus alomtegenwoordig. Het is een ongecontroleerde emotie die uit het niets kan tevoorschijn komen en vaak getriggerd wordt door een externe situatie of persoon.

Woede en agressiviteit zijn besmettelijk.  Ongeacht waar het zich afspeelt: in huis, in het verkeer, op het werk, op social media of in het wilde weg. Het heeft met spiegelneuronen te maken en het activeert onmiddellijk ons overlevingsmechanisme dat zetelt in het oude reptielenbrein: (terug)vechten of (weg)vluchten. Begrijpelijk dus dat wanneer het in ‘jouw veld’ te warm wordt door taal of gedrag van een verhitte ander, dat je dan zelf ook gaat gloeien. Het gloeien hoeft echter niet te betekenen dat je er naar moet handelen.

Woede is altijd 100% jouw emotie, de projectie ervan op de situatie, het afreageren op allerlei manieren 100% jouw verantwoordelijkheid.

Gelukkig maar. Want dit betekent dat jij wel degelijk 100% controle kunt ontwikkelen over deze destructieve en toxische energie.

Excuses en mythes

Je eigen woede beheersen. Het is één van de moeilijkste vaardigheden die je toch (!) kunt ontwikkelen.

Echter, heel vaak verschuilen we ons achter de volgende ‘klassieke’ excuses en mythes:

– “Ik ben nu eenmaal zo” => gedrag is als kledij, je kan het veranderen, yes you can!
– “O het was niet mijn bedoeling” => je intenties tellen niet wanneer je gedrag en het effect op een ander pijn doet, draai de rollen eens om.
– “Sorry” => de ‘sorry-plaat’ is er één die best niet teveel blijft hangen. Nadenken vooraleer je praat werkt beter dan excuses. Gif of gal spugen doe je beter in het toilet.

‘Maar hoe kan het dan anders?’

Het ABC-tje van woedebeheersing

Woedebeheersing vraagt inzicht en volwassen regulering. Het is oefenen in emotioneel intelligent gedrag en dus leerbaar en coachbaar.

Stop met denken dat de ander, de situatie, je werk, de maatschappij verantwoordelijk is voor jouw innerlijke emoties. Het leven buiten je houdt je slechts een spiegel voor en daagt je uit na te denken over je eigen keuzes, je koers, je reactiepatronen, je demonen, je verleden en je toekomst.

Start met denken “jij maakt mij niet boos, ik maak mezelf boos.” Dit is echt een doorbraak van jewelste en vormt trouwens de basis van het boeddhistische zelfreguleringsprincipe.

Onderzoek de wortels van je kwaadheid. Hoe intenser je woede, hoe ouder je pijn en hoe dieper je verdriet. Je zal merken dat niet de actuele situatie noch persoon aan de basis ligt, maar een langer en vaak vergeten verleden.

Experimenteer ook met de transformerende woededempers van rust, kalmte, plezier en humor. Het cultiveren van deze dempers in je leven, je agenda, je hoofd, je activiteiten bevordert de kwaliteit in je werk, relaties en leven.

‘En wat bij moeilijke relationele situaties?’

Check bijvoorbeeld deze spelregels. Het ABC-tje kan hierbij ook helpen:

Afleiding

Jezelf of de ander afleiden van het object of subject van de woede.

Wees de lamp ipv de lont en schakel over naar een helikoptermodus, activeer daardoor de innerlijke beschouwer, stop met jezelf boos te maken, stop met reageren, verschuif je focus van onmacht naar waar je wel macht (over hebt), verlaat desnoods (even) de situatie, koel af, kijk weg, adem in adem uit, beschouw vanuit rust.

Blootstelling

Eens de temperatuur is gezakt – en de ander ook emotioneel ‘beschikbaar’ is – de situatie op tafel leggen en er volwassen naar kijken, het aanpakken. De confrontatie durven aangaan. Want conflictvermijding is alleen goed in de eerste fase.

Het is raadzaam de situatie of de persoon meer vanuit mededogen en begrip te benaderen, spreek uit wat je voelt en dat je de situatie of ander wil begrijpen, luister, luister nog meer (dan je praat).

Correctie

Dit betreft een ander gedrag tonen, het vragen of voorstellen. Het gaat om het herstellen van veiligheid en vertrouwen.

Benoem je eigen aandeel zonder ‘(ja) maar’, stel de ander de vraag hoe die zich voelt, wat die zou willen, waar de pijn zit, wat die nodig heeft en wat jij kan doen. Verwoord ook voor jezelf hetzelfde naar die ander. Geef je grenzen aan en luister naar deze van de ander. Oefenen met ‘als…dan…’. Schakel eventueel een mentor of bemiddelende derde in.

Onthoud vooral het volgende:

“Beschadigde mensen beschadigen mensen, tot een veranderde houding de verhouding verandert.”

Wees dus bij ‘verhitting’ wat meer de held en wat minder het slachtoffer.

En jawel, oefening baart kunst…!

Good luck!

 

– Steve Van Herreweghe –

Eerst innerlijk zien, dan geloven.

Het is een kleine nuance op wat we doorgaans aannemen. Vertrouwen op de goede afloop van een eigen project, het is niet aan iedereen gegeven. En toch is het leerbaar.

Herinner jij je nog die momenten toen je droomde over iets wat je wou, toen je verlangens nog embryonaal of prematuur waren? Of het nu gaat om de realisatie van je gezin, je kinderen, je professionele, recreatieve ea. projecten, het interieur van je woning, je kleerkast, enz. enz., alles maar dan ook alles wat in je leven zichtbaar is was ooit onzichtbaar voor je. Think about it. Dit inzicht, deze wetenschap is de hoofdsleutel in tijden van twijfel en onzekerheid.

Je visie en focus houden totdat het onzichtbare zichtbaar wordt, ondanks het ongeloof van anderen, de tegenstand, het soms eenzame gevoel, de vermoeidheid en verlies van moed onderweg, het is een werkelijke kunst, en iedereen kan er wel degelijk in groeien.

De groei van de Chinese bamboe

Rosh Hasjana – het Joods Nieuwjaar – naderde en een man vroeg zich af wat er het afgelopen jaar van zijn goede voornemens terecht was gekomen. Omdat hij niet veranderd was, voelde hij zich teleurgesteld. Weer was hij een jaar lang dezelfde persoon met precies dezelfde gebreken en precies dezelfde problemen gebleven. Hij begon zijn hoop te verliezen. Daarom ging hij naar zijn rabbi.

De rabbi vroeg hem: ‘Weet jij hoe lang de reusachtige Chinese bamboe erover doet om zo hoog als een boom te worden? Gedurende het eerste jaar krijgt het minuscule plantje water en mest en er gebeurt niets. Een heel jaar lang niet. Het jaar daarop gebeurt er nog steeds niets. En het jaar daarna ook niet. Net als het jaar daarna. Maar in het vijfde jaar schiet de bamboe de lucht in en groeit hij in 6 weken tot een plant van 25 meter.’ ‘Weet jij’, vroeg de rabbi, ‘Hoe lang de bamboe erover gedaan heeft om zo hoog te worden?’ ‘6 Weken’, antwoordde de man.

‘Nee’, zei de rabbi. ‘De bamboe heeft er 5 jaar over gedaan. Als de boer op een bepaald ogenblik in die 5 jaar ermee gestopt was om dat kleine plantje water en mest te geven, dan was het doodgegaan. Wat gebeurde er al die jaren? Onder de grond groeide een enorm netwerk van wortels dat het mogelijk maakte dat de bamboe zo snel kon groeien. Groei vereist geduld en volharding. Iedere druppel water zorgt voor een verschil. Elke stap zorgt voor een effect. Je ziet de verandering niet meteen, maar de groei is wel bezig. Door met toewijding en motivatie aan je doelen te werken, bereik je de ontplooiing waarnaar je streeft.’

Doorzetten kan je leren: aanvullende tips

– Vòòr je begint: “van intenties alleen gaat de kaars nooit branden”, schrijf je plan uit, visualiseer via een bord of collage, plan 3-5 startacties, informeer 4 mensen in je omgeving

– Vòòr je wat rendement haalt: “de traagst groeiende bomen produceren het beste fruit”, grote sprongen – zegt de verspringer – beginnen met kleine stappen, evalueer tijdig, waardeer je tocht, omarm een dipje, maar motiveer jezelf dagelijks

– Vòòr je luistert naar anderen: “je kan het niet” .. “het wordt moeilijk voor je”, zegt meer over de grenzen van anderen dan over de jouwe, spiegel je aan doorzetters, omring je met energieke mensen, sluit je regelmatiger af, ontwaar je innerlijke stem

– Vòòr je afhaakt: “herinner van waar je komt en waarom je er aan begonnen ben”, schakel een mentor in, laat het even rusten, kijk over de haag, zoek nieuwe bronnen

Zoek je een mentor? Stel je vraag

– Steve Van Herreweghe –

Lees meer

“Dit mens-zijn is een soort herberg. Elke ochtend weer nieuw bezoek. Een vreugde, een depressie, een benauwdheid, een flits van inzicht komt als een onverwachte gast. Verwelkom ze; ontvang ze allemaal. Zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt, die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat. Behandel dan toch elke gast met eerbied. Misschien komt hij de boel ontruimen om plaats te maken voor extase. De donkere gedachte, schaamte, het venijn. Ontmoet ze bij de voordeur met een brede grijns en vraag ze om erbij te komen zitten. Wees blij met iedereen die langskomt. De hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd om jou als raadgever te dienen.” (De Herberg, Rumi)

Jalāl ad-Dīn Muhammad Balkhī, ook bekend als Rumi, was een 13e-eeuwse Perzische dichter, jurist, theoloog en soefi-mysticus. Zijn gedichten zijn op grote schaal vertaald in veel van ’s werelds talen en omgezet in verschillende formaten.

Levensvragen, het zijn logge vragen, vragen die aandacht nodig hebben, vaak nog meer vragen doen rijzen, in plaats van antwoorden te baren.

Spreuken, quotes, aforismen, gedichten, muziek, film, kunst, ze vormen allemaal slechts humane en tijdelijke pogingen om het ondefinieerbare en eeuwige te beschouwen, dit niet zozeer in te kapselen, maar het te ontrafelen, te ontwaren, en het liefdevol te aaien.

Hieronder mijn poging om 8 kleine levenslessen te destilleren uit mijn favoriete lijst van Rumi’s mooiste citaten (bewust niet vertaald).

1. De grootsheid zit in jezelf: open jezelf en maak er gebruik van

Idealiseer niet te veel, noch te vaak en waardeer en bewonder steeds met mate. Kijk wat minder naar buiten, wat meer naar binnen, graaf naar en ontwaar je eigen schatten.

Rumi citeert:

“What is planted in each person’s soul will sprout.”
“The light which shines in the eye is really the light of the heart.”

“There is a fountain inside you. Don’t walk around with an empty bucket.”
“I smile like a flower not only with my lips but with my whole being.”

2. Grenzen zijn illusies: wees moedig en daag al je angsten uit

Beperkingen zijn vaak verouderde ideeën die tot verhalen leiden. Verhalen kunnen je hinderen, je gevangen nemen maar je ook verrijken. Kies bewust voor verhalen die jou uitdagen, jou inspireren, jou grenzen doen verleggen.

Rumi citeert:

“As you start to walk out on the way, the way appears.”
“Run from what’s comfortable. Forget safety. Live where you fear to live. Destroy your reputation. Be notorious.”
“It’s easy to stand with the crowd, but it takes courage to stand alone.”
“Don’t be satisfied with stories, how things have gone with others. Unfold your own myth.”

3. Pijn is een leraar in vermomming: omarm je tegenslagen

Zeg ja tegen pijn, het verzacht het lijden. Verzet, hoe menselijk ook, is de duivel van aanvaarding. In het huis van tegenslag schuilen mooie kamers, ontdek ze met moedige nieuwsgierigheid.

Rumi citeert:

“The wound is the place where the light enters you.”
“Don’t worry that your life is turning upside down. How do you know that the side you are used to is better than the one to come?”
“If you are irritated by every rub, how will you be polished?”
“You have to keep breaking your heart until it opens.”
“The moment you accept what troubles you’ve been given, the door will open.”

4. De waarheid woont binnenin: sluit je ogen, maak een innerlijke zoektocht

Waarheden zijn er overal, kleine, grote, oude en nieuwe. Ze bestaan in allerlei talen en vormen. Maar, ze zijn altijd relatief en nooit absoluut. Je bezit – net als elke mens –  een unieke oorsprong, bestemming, talentenpakket en ontwikkelplan. Ontdek en doorleef je eigen waarheid.

Rumi citeert:

“Your task is not to seek for love, but merely to seek and find all the barriers within yourself that you have built against it.”
“When the world pushes you to your knees, you are in the perfect position to pray.”
“Everything you see has its roots in the unseen world. The forms may change, yet the essence remains the same.”
“I am not this hair. I am not this skin. I am the soul that lives within.”

5. Je bent en hebt al wat je zoekt: wees gelukzaligheid en accepteer de wereld als je spiegel

Willen wat je hebt is even essentieel als streven naar wat je nog niet hebt. Er is voor alles een tijd en een rijping. Vergeet niet te genieten onderweg, het is altijd later dan je denkt.

Rumi citeert:

“Wear gratitude like a cloak and it will feed every corner of your life.”
“What matters is how quickly you do what your soul directs.”
“What you seek, is seeking you.”

6. Liefde overwint alles: verander je verhalen, verander ze in liefdesverhalen

Van alle zoetheden is de liefde is het allerzoetst. Proef, geniet en waardeer, maar geraak er niet aan verslaafd. Gebruik haar tevens als middel bij teveel zuur en bitter in je leven.

Rumi citeert:

“Love is the bridge between you and everything.”
“Be foolishly in love, because love is all there is.”
“There is no way into presence except through a love exchange.”
“I belong to no religion. My religion is love. Every heart is my temple.”
“Love risks everything and asks for nothing.”

7. Stilte is het eeuwige goud: luister meer, luister dieper en luister langer

Geluid is er overal, stilte ook, voor wie wilt en durft te verstillen. In het hart van stilte woont wijsheid omringd door de ribbenkast van weerstand. Heb geen schrik van interne ruis, finetuning is een langzaam leer- en groeiproces.

Rumi citeert:

“The quieter you become, the more you are able to hear.”
“Silence is an ocean, speech is a river. Silence is the language of God, all else is poor translation”

“Carry your baggage towards silence , when you seek the signs of the way.”
“Love calls – everywhere and always.”

8. We zijn allemaal verbonden: oefen in mededogen en dienstbaarheid

Waarneming is bedrieglijk, scheiding een illusie. Er is het bekende en het onbekende. Mensen zijn net als eilanden in de oceaan, aan de oppervlakte gescheiden maar in de diepte verbonden. En wie zichzelf werkelijk liefheeft omarmt tegelijkertijd de wereld.

Rumi citeert:

“Goodbyes are only for those who love with their eyes. Because for those who love with heart and soul there is no such thing as separation.”
“Not the ones speaking the same language, but the ones sharing the same feeling understand each other.”
“You are not a drop in the ocean. You are the entire ocean, in a drop.”

“If you wish mercy, show mercy to the weak.”

– Steve Van Herreweghe –

Op een winterse morgen hoorde ik een Vlaamse radiostem diep zuchten: “de helft van de Vlamingen zijn volgens een recent onderzoek ongelukkig”…

De werkelijke armoede van een zgn. welvaartsland is niet langer van feitelijke maar van emotionele aard. Compulsieve scrollers zijn we geworden, van bericht naar bericht, op zoek naar (n)iets, automatisch piloterend van punt A naar Z, gestuwd en dus geleefd door vreemde agenda’s en afglijdend in ‘meer, beter, sneller’, net als verdwaalde dopamine-junkies, met vervreemding van zichzelf en anderen als neveneffect. In tijden van nooit geziene digitale interconnectiviteit lijkt het erop dat de kloof tussen elkaars harten en zielen zelden groter is. Vroeger sprak men nog over muren tussen mensen, nu zijn het schermpjes geworden.

En toch. Elke morgen opnieuw probeer ik het – tijdens mijn 8-minuten-wandeling – naar het bureau in hartje Gent: oogcontact met anderen, een glimlach misschien. Mensen zijn zo gehaast, zo verdwaald in gedachten, in tijd en smartphone, kijken zo afwezig, vaak bedrukt en slaperig voor zich uit. En toch blijf ik het doen, het houdt mij wakker, in verwondering ook, wanneer een enkeling het erop waagt. Oogcontact, basis van verbinding, hoe eenvoudig kan het zijn. Blikken die zich kruisen en mogelijks vermengen, in ruimte en tijd, en misschien een glimp van eenheid in verscheidenheid, van eeuwigheid in vergankelijkheid en van zin in gedeelde on-zin ervaren. Zien en gezien worden, maar dan zonder schermpjes en duimpjes als verb(l)indingsbruggen en -tools.

Hieronder een experiment van Amnesty International – geïnspireerd op de ontdekking van psycholoog Arthur Aron, zo’n 20 jaar terug, dat 4 minuten in elkaars ogen kijken mensen werkelijk dichterbij kan brengen. Het experiment – waarbij vluchtelingen en Europeanen tegenover elkaar werden gezet – werd (niet toevallig) uitgevoerd in Berlijn: de stad, die in de eerste plaats een symbool is van het overwinnen van de scheidslijnen, en ten tweede het centrum van het hedendaagse Europa lijkt te zijn.

Werkelijk zien en gezien worden, met naast oogcontact vooral ook spontaneïteit als sociaal maizena. Want niet zozeer de held- maar vooral de ‘kindhaftigheid’ in onszelf is aan herwaardering toe.

“Minder online, meer inline” is dan ook mijn motto voor 2018, en ik daag jullie uit. Want ook al leven we in een steeds transparantere wereld – waar het voyeurisme menige universele inzichten heeft gebaard en dus ergens een stiekeme vorm van verbondenheid in verscheidenheid heeft gecreëerd – stel ik echter vast dat veel mensen nog al te vaak verkrampen bij natuurlijke spontaneïteit en assertiviteit. Op zich geen drama, maar ‘te strak’ en ‘te geremd’ in woord, daad en dus keurslijf, kan finaal leiden tot milde en ook wel ernstige problemen op biopsychosociaal én professioneel vlak.

We functioneren nog teveel vanuit afweging en via de reageermodus, waarbij ‘overleven’ primeert boven ‘waarachtig leven’, ‘aanpassen’ het nog steeds haalt van ‘inpassen’, ‘vullen’ wint van ‘voeden’, ‘vermijden’ voorrang krijgt op ‘verzoenen’ en ‘maskeren’ belangrijker lijkt dan ‘exprimeren’. Daarom een ode aan en warme oproep voor de complexloze alledaagse spontaneïteit (in elk van ons): het vertrouwen op eerste impulsen, het alerter en opmerkzamer zijn, het sneller uiten van ongenoegen, het opkomen voor wat je ok maar vooral niet ok vindt, je binnenkant laten blinken aan de buitenkant. Want finaal kan men enkel in helder water – ontdaan van al het troebele en andere kleurstoffen – echt diep gaan kijken.

Laten we daarom de driejarige Madeline als voorbeeld nemen en terug opgaan in ervaringen, mensen maar ook dieren en dingen alsof we ze voor het eerst (en misschien wel het laatst zullen) zien en beleven.

– Steve Van Herreweghe –

#30dagenzonderklagen.

Het mogen er ook 30.000 zijn, wat mij betreft. Let op, een klaag- of roddelkwartiertje kan wel eens deugd doen, zeker wanneer we er bewust van zijn, zuur verdient dan ook een plaats, zoals kiwi in een fruitmand, of citroen op een glas cola of in het vispannetje, maar het hoeft niet de hele mand in beslag te nemen, noch het gerecht of de sfeer te overheersen.

Bewuste mensen weten dat tegenslag, verlies, omwentelingen net als eb en vloed, de seizoenen, en de vele biopsychoemotionele cycli deel uitmaken van de stroom des levens. Zij vertrekken vanuit een interne locus of control en winnen aan energie en macht door een proactieve attitude.

Onbewuste mensen zien de buitenwereld als gescheiden van zichzelf en vervallen in klaagzangen, waarnemings-, attributie- en andere denkfouten. Zij vertrekken vanuit een externe locus of control en verliezen vaak aan energie en macht door een reactieve attitude.

Groeien in bewustzijn kan, maar het vraagt bijzonder veel moed, kritische introspectie, onderscheidingsvermogen, verantwoordelijkheidszin en assertief-empathische communicatie.

Aan de basis van ons wereld- en werkelijkheidsbeeld, ligt vaak ons zelfbeeld, en dit wordt grotendeels opgebouwd door onze interne en externe dialoogvoeringen vanuit een ver verleden tot in het hier-en-nu-en-later.

Vandaar een bijzondere aandacht voor deze 2 boodschappen die echt het verschil kunnen maken op weg naar een (nog) bewuster en milder leven:

1. Draag zorg voor je gedachten wanneer je alleen bent

Volgens het Standford Research Institute (Washington, VS) denkt een gemiddeld mens zo’n 120.000 gedachten per dag, een stijging van 70.000 ten opzichte van 15 jaar geleden, toen men het onderzoek begon. Een groot deel hiervan is niet effectief en zelfs belemmerend voor ons functioneren. Het zijn de zogenaamde nutteloze gedachten als ‘wat denkt hij van mij, ik ben niet goed genoeg, waarom dit nu weer’, enz. Bovendien weten we dankzij de neuro- en biopsychomedische wetenschappen dat ‘elke gedachte die we opvangen of produceren bepaalde ‘sporen’ nalaat in het lichaam en dat die ‘sporen’ dieper gaan wanneer we dergelijke ‘loops’ blijven herhalen (bijv. bij overmatig piekeren). In een wereld waarin individueel en collectief mentale overbelasting overheerst is het steeds moeilijker geworden om het overzicht te bewaren, controle te ervaren en ons innerlijk echt ‘vrij’ te voelen.

Het is m.a.w. niet langer een kwestie van ‘hoe gedachten mij met rust moeten laten maar veeleer hoe ik mijn gedachten met rust moet leren laten’. Toegepaste zachtheid naar binnen als mentale zorgoefening. Want gedachten zijn als voorbijtrekkende wolken : nu eens traag, dan weer snel, soms licht of zwaar en bij tijden ook heel donker, maar altijd, altijd trekken ze voorbij, tenminste als we ze ook zo beschouwen. Jij hoeft je er niet aan vast te klampen, noch erdoor te laten meevoeren, is de boodschap. En oefening baart kunst. “Er is de gedachte aan …” uitspreken kan helpen om er afstand van te nemen en met “brengt deze gedachte me dichter of verder bij mijn doel?” als bijkomende hulpvraag.

2. Draag zorg voor je woorden wanneer je met anderen bent

Woorden kunnen goden maken, maar ook duivels kraken. En je maakt jezelf ook nooit witter door een ander zwart te maken. Onbegrip en negatieve projectie vormen vaak de motor van conflict en gevecht, met chronische stress en angst als olie, onwetendheid als sleutel en met toenemende emotionele afstand, ziekte en weerstandsdaling als onverbiddelijk resultaat. En dit terwijl we met zijn allen hetzelfde nastreven: ons erkend, begrepen en geliefd voelen. Ik las ooit dat “één goed woord wel voor drie winters warmte kan voorzien, terwijl één kwaad woord voor zes maanden vorst zorgt.” Mooie en treffende beeldspraak. Nadenken alvorens we ‘schieten’ dus, want tijd om een woord toe te voegen is er wel, tijd om er één terug te nemen niet. En bovendien hebben mensen al – diep verscholen – schotwonden genoeg…

Alleen inkeer en bewustwording van je diepere kern en(on)zichtbare verbondenheid met alles en iedereen rondom kan soelaas en verlichting bieden. De echt gelukkigen onder ons gebruiken de ander als spiegel en niet langer als doel(wit). Toegepaste zachtheid naar buiten als sociale zorgoefening. Want de echt gelukkigen onder ons stellen veeleer grenzen i.p.v. deze bij anderen te overschrijden. Denk daarom ook steeds sneller dan je praat en zeef je woorden vooral heel secuur alvorens je ze verzendt : “zijn ze wel bon?” (bedachtzaam, opbouwend en nuttig).

Succes!

– Steve Van Herreweghe –

“Wie teveel naar vakantie verlangt, leeft verkeerd.”

Als doordenker kan dit wel tellen, niet? Het klopt ook, in waarheid en hopelijk ons ook (een beetje) meer wakker. Wakker waaruit dan? Uit het “doen,doen,doen” en “moeten, moeten, moeten” – deuntje waarmee we onszelf en anderen blijven opjagen en zelfs irriteren, tot het deuntje zelfs uitmondt in een doffe cynische klaagzang. Moderne voorbode van burn-out, empathie-, levens- e.a. moeheden.

We lijken wel duracellkippen geworden, met onze AAA – batterijen ontzettend in het rood: in Ademnood hijgend, zuchtend – vol van kleine en grotere Angsten – en steeds Agressiever in woord en (over)daad, opgejaagd door vreemde agenda’s, rennend naar (n)ergens, en troost zoekend in gezonde en minder gezonde afrodisiaca.  En dit i.p.v. gezond en wel het groen in: de stroom des levens Accepterend – er zich wijs aan Adapterend – en met correct assertieve Acties er doorheen groeiend.

Wel, hoe tevreden ben jij eigenlijk? Ja jij! En neen, niet enkel over je werk, maar over jezelf, je relaties, je ontwikkeling? Check eens – als je wilt en tijd hebt – via deze quick scan hoe het met je globale tevredenheid, je prioriteiten en aandachtspunten op diverse levensdomeinen is gesteld.

De kom van je leven

Op een dag werd een oude professor gevraagd een lezing te geven over efficiënt tijdsbeheer. Hij nam het woord en zei: ‘Laten we beginnen met een experiment’. Hij haalde een aardewerken pot onder de tafel vandaag en zette die voorzichtig voor zich neer. Daarna nam hij een twaalftal grote stenen die hij voorzichtig in de pot legde. Toen deze gevuld was, richtte hij zijn blik langzaam naar zijn publiek en vroeg: ‘Is deze pot vol?’. Deze vraag werd unaniem met ‘ja’ beantwoord. De professor bukte zich opnieuw en nam een pot met kiezelsteentjes. Minutieus goot hij ze over de stenen. De kiezeltjes vielen tussen de stenen tot op de bodem van de pot. Opnieuw vroeg de professor: ‘Is deze pot vol?’. Zijn toehoorders begrepen zijn opzet en één van hen antwoordde: ‘Waarschijnlijk niet…’. Daarop haalde de professor onder de tafel een zakje met zand vandaan, dat hij aandachtig in de grote pot leeggoot. Het zand vulde de plaats tussen de grote stenen en de kiezelsteentjes. Wederom vroeg de professor: ‘Is deze pot vol?’. Ditmaal schudde zijn publiek eensgezind het hoofd. ‘Goed’, zei de professor, en alsof iedereen het verwachtte, nam hij een kannetje water en vulde de pot tot de rand en vroeg: ‘Welke grote waarheid laat dit experiment ons zien?’. De moedigste antwoordde: ‘Het laat zien dat onze agenda nooit zo gevuld is als we wel denken en dat er, als we het echt willen, nog altijd wel wat tijd is voor meer afspraken en meer activiteiten’. ‘Nee’, zei de professor, ‘daar gaat het niet om … de grote waarheid die in dit experiment schuilt, is de volgende: als je niet eerst de grote stenen in de pot doet, krijg je ze er achteraf nooit meer in’. ‘Wat zijn jouw grote stenen in jouw leven: je familie,  je vrienden, je dromen, gezondheid? Als we meer belang hechten aan de futiliteiten zoals het zand en de kiezelsteentjes, zullen ze alle plaats in beslag nemen en blijft er geen tijd meer over voor de belangrijkste dingen in het leven. Daarom mag je niet vergeten jezelf de vraag te stellen wat de grote stenen van je leven zijn, om ze vervolgens in de pot te leggen’.

Het is een heel herkenbaar menselijk fenomeen dat we pas echt grondig in actie schieten wanneer we vaak al ‘te ver’ in de alarmfase vertoeven. Uitstelgedrag, het is des mensen. Wachten tot het begin van een nieuw jaar om de goede voornemens (terug) uit de diepvries te halen is in feite totaal ineffectief als strategie. Wachten op ziekte hoeft al evenmin. Je hoeft niet ziek te zijn om beter te worden, schreef een wijze ooit. Een regelmatige en dus structurele reflectie (dagelijks, wekelijks, maandelijks) daarentegen werkt veel constructiever.

De Australische palliatieve verpleegkundige Bronnie Ware verzorgt mensen op hun sterfbed. Zij schreef het boek ‘The Top Five Regrets of the Dying’. Deze vijf punten sluiten naadloos aan bij het carpe diem en het memento mori beginsel en niet in het minst Abraham Lincolns wake – up quote dat “op het einde niet zozeer de hoeveelheid jaren in je leven tellen maar eerder de hoeveelheid leven in je jaren.”

Enkele ‘take – away’ BOODSCHAPPEN (inclusief oefening) vanuit het experiment :

1. Krijg zicht op JOUW bokaal

Evolueren of veranderen vertrekt steeds vanuit een confrontatie met de realiteit, jouw realiteit. En dit kan je zelf in kaart brengen door te inventariseren waar jij al je kostbare tijd aan spendeert. Hoe ziet jouw feitelijke agenda er vandaag werkelijk uit? Uit welke ingrediënten bestaat deze? Zit er een goede spreiding in werk, privé, sociaal? Ben je gelukkig met de gang van zaken? Is er evenwicht tussen diverse domeinen (professioneel, relationeel, hobby, familie, cultuur)? Hanteer jij wel de wetenschappelijke 8 (u werk)/8 (u privé)/8 (u slaap) gezondheidsregel?

Oefening : zet je neer en noteer eens alles wat je doet van maandag – zondagavond, dit is jouw bokaal, het is tevens de vertaling van jouw prioriteiten, focus en (actueel) leven. Check ook de vuistregels omtrent intelligent tijdsbeheer.

2. Bezinnen over je grote stenen

Heb jij zicht op je waardenschaal, jouw bucket list? Waar droom(de) jij van als kind, als tiener, als (jong)volwassene? Heb je het gevoel dat je reële agenda dicht en heel ver van je droomagenda ligt? Waar zou jij (later) spijt over hebben nooit te hebben ondernomen, gedaan, gedurfd? Wat zou ‘je toekomstige zelf’ jou adviseren? Wat als je nog 1 jaar te leven zou hebben, wat zou je dan (niet meer) doen? Wat zou je doen wetende nooit te kunnen falen? (her)Opbouw van eigenwaarde is een dagelijkse oefening, begin vandaag nog!

Oefening : maak een collage (‘moodbord’, ‘mindmap’), met in het hart jezelf en er omheen alles waar je van houdt / hield en waar je heen wenst. Proactief visualiseren begint met een inspirerend design, dat weten we van architecten. Tip : gebruik wat meer Pinterest.

3. Erover praten met anderen

Reflectie is 1 ding, het allemaal helder krijgen iets anders. ‘Praten helpt’ zo luidt het cliché, en het blijft een waarheid als een koe. Niet alleen wanneer je vastzit of jij je down voelt of zelfs helemaal het noorden kwijt. Ook om zicht te krijgen op je waardenschaal, je diepere wensen en doelen kunnen gesprekken met anderen helpen. Een goede mix van vertrouwde – neutrale en deskundige ‘anderen’ werkt nog het best. Durf hen te betrekken, tijd en steun te vragen jou om je te helpen bij de uitklaring van je diepere waarden. En als praten nog niet goed lukt, begin dan met schrijven, kleine stukjes, langere, het liefst regelmatig (15min / dag). Schrijven (‘journaling’) is trouwens een heel gezonde zelfs therapeutische start om taal te geven aan wat onduidelijk of vaag is (ook bij bij conflict en ruzie)

Oefening : werk aan een lijstje van 5-10 mensen die jou zouden kunnen helpen in je verdere onderzoek naar jezelf. Dit kunnen mensen uit je kring maar ook (en het liefst) buiten je kring zijn. Doelgerichte netwerking verhoogt je zelfsturing en veerkracht. Stuur hen een mail / smsje, of beter nog : bel hen, nu!

4. Je identiteit niet verloochenen

Leef jij je eigen leven of voel jij je eerder geleefd worden? Blijf je eerder steken in het verleden van ‘hoe (goed) het vroeger was’ of klamp je vast aan ‘hoe het zou kunnen zijn’ – fantasieën, of heb je zelfs reeds die best case scenario’s opgeborgen? Veel levenswetenschappers maken in hun betogen, boeken ea media gewag van het belang van authentiek in het leven staan als basis van dieper geluk en voldoening. Voeling krijgen met wat werkelijk telt voor jou. Want wie zich beter wil voelen, dient ook het voelen te verbeteren. Tijd, ruimte en orde scheppen voor jezelf, het kan zelfs starten met 5-10 min / dag. Lang leve de reisattitude want je werkagenda moet in je levensvalies kunnen passen, nooit omgekeerd!

Oefening : denk eens na en schrijf neer wat je zou doen mocht je slechts nog 1 jaar te leven hebben. Wat zou je minder doen, wat meer, waarmee zou je stoppen, wie zou je opzoeken, met wie zou je breken, waar zou je heen willen gaan, welke oude dromen zou je van onder het stof halen, enz. En giet dit in een persoonlijke wensenkaart.

5. Van reactief naar proactief

Veel mensen ervaren hun werk, relaties en leven als ‘reageren op de omstandigheden die hen overkomen’, of ‘brandjes blussen’, of ‘dweilen met de kraan open’. Het kan zorgen voor een daling in het controlegevoel en je mate van eigenaarschap doen afzwakken. Investeren in jezelf, je doelen, je dromen vraagt spontane en gerichte actie én dus zelfvertrouwen. Maar zelfvertrouwen groeit ook door spontane en gerichte actie. Faalangst, drempelvrees, verlegenheid, het heeft altijd betrekking met en zit vastgeroest in verhalen uit het verleden, verhalen die we zelf blijven herhalen. Om deze vervelende cirkel te doorbreken vormen creatieve fantasie en gepast assertief gedrag dé sleutel. Nieuwe verhalen creëren aan de binnenkant schept de basis voor best case scenario’s aan de buitenkant. Niemand, hoe lief, goed, deskundig ook kan je over de brug helpen naar meer zelfvertrouwen indien jijzelf niet aan die nieuwe verhalen gaat werken. Of jij nu gelooft of niet gelooft dat het kan, je hebt altijd gelijk.

Oefening :  Verdeel een A4-tje in ligstand in 5 kolommen. Uiterst links plaats je jouw frustraties. Daarnaast wat je in de plaats zou willen (wensen – doelen). Rechts ervan maak je een kolom met als titel “Ja, maar” (jouw ‘verhalen’). Rechts in de 4de kolom bedenk je een alternatieve gedachte. Uiterst rechts : “to do (+timing)”

6. Streven naar progressie ipv perfectie

Uit diverse studies blijkt een sterk verband tussen perfectionisme en (verhoogde kans op bijv.) burn – out. Perfectionisme kan motiverend maar ook verlammend en destructief werken, dit hangt af van de totale persoonlijkheidsstructuur en de effectieve graad van perfectionisme. Perfectionisten hebben een ingebakken voorkeur voor wat ontbreekt, wat nog niet af is, goed is en vertrekken vaak vanuit een te enge focus. Het is echter beter je scope te verbreden via de vragen (1) van waar kom ik (2) waar wil ik werkelijk heen en van je dromen doelstellingen maken door ze in een plan te gieten en deze te voorzien van haalbare stappen maar ook wel uitdagende deadlines. Vermijd hierbij teveel vergelijken en angstig vooruitzien en laat ‘beter worden dan wie ik gisteren was’ voortaan je motto worden.

Oefening : Lees meer autobiografieën. Lees meer tout court. Plan een 5-10 tal / boeken jaar. Suggesties : Leef voor jezelf (Ph. Mc Graw), Hoe overleef ik mijn familie (J. Cleese), Macht der gewoonte (J. Duhigg), Denken als Da Vinci (M. Gelb). Tip: maak je lijstje en recensies op via Goodreads

7. Grenzen kennen, stellen en bewaken

Verwijzend naar het homeostatisch principe is het van belang om je (biopsychosociaal en professioneel) evenwicht niet alleen te behouden maar het ook proactief te scheppen : leren doseren dus tussen moeten én willen, tussen geven én vragen, tussen activiteit én intimiteit.

Een dag bestaat maar finaal maar uit 24u en deel je best structureel in volgens het 8/8/8 – principe. Plannen doe je best elke dag. Rust in bouwen (4x15min) is een dagelijkse maar ook wekelijkse must (4u). Verplichte bezoeken aan ouders, familie herbekijk je best, er zijn maar 52 weekends in een jaar! Kwaliteit der contact is belangrijker dan de kwantiteit. Sommige zaken moeten nu eenmaal gebeuren, da’s waar, doe het dan wel met enthousiasme, voeg meer willen toe aan het moeten, maar ook meer moeten aan het willen. Vergeet ook niet echt contact te (blijven) maken met je geliefden (op een dagelijkse basis) en als je iets nodig hebt of graag zou willen, verwacht het niet maar vraag!

Oefening : inventariseer eens je versterkende en verzwakkende relaties met anderen en zet er naast hoeveel tijd je er telkens aan besteedt. Check ook de infografiek Relaxeren vanuit je 5 zintuigen, print af en pas (meer) toe.

8. Ongemak als voorbode van groei

Ongemak, stress, verandering, niemand die er echt van houdt. De geneeskunde ook niet. Leren omgaan met pijn is een vaardigheid die van pas komt bij nieuwe moeilijkheden en tegenslagen. Dit wordt vaak vergeten terwijl het net heel normaal – natuurlijk is gezien wij ‘voortdurende in ontwikkeling zijnde wezens’ zijn. Via onderstaand filmpje wordt verduidelijkt wat we van kreeften kunnen leren over stress, weerstand tegen verandering en groei.

Oefening : 4xG. ga eens terug in je persoonlijke geschiedenis en lijst je dieptepunten links chronologisch op een blad (Gebeurtenis). Zet vervolgens in een kolom ernaast hoe jij ermee bent om gegaan (Gedrag) en in de derde kolom wat het Gevolg hierbij was, hoe ben je er uit gekomen, wie is in je leven gekomen, wie verdwenen, wat is er veranderd? In de laatste kolom schrijf je uit wat je liever had gehad dat gebeurde (Gewenst).

9. Schakel een mentor in

“Alleen jij kan het, maar je kan het nooit alleen”, zo luidt de centrale gedachte in een bekende organisatie voor verslavingszorg. Verslaafd zijn we ergens allemaal, aan kleine en grotere zaken. Gewoontes doorbreken vraagt enorm veel moed, wilskracht en .. helpers onderweg! Je kan veel alleen maar je hebt hulp nodig en hulp inschakelen getuigt van bijzonder veel moed, lef en proactieve intelligentie!

Succes gewenst!

Mentor nodig? Welkom!

– Steve Van Herreweghe –

“Love Is All We Need”

En toch slagen we er vaak niet in om deze diepmenselijke behoefte te erkennen bij onszelf en bij onze dierbaren..

Waar we wel in slagen zijn ‘spelletjes spelen’ om verbondenheid manipulatief en soms destructief af te dwingen.

Het is één van de vele relatiemythes dat ruzie maken nodig is om een stevige relatie uit te bouwen. Niets is minder waar. Diverse vormen van ruzie laten zonder pardon onuitwisbare sporen na en knagen aan de binnenkant, en dus ook buitenkant van elke relatie. Het moet dus echt veel korter en gerichter (zie ook andere spelregels) en het liefst zo weinig mogelijk.

Onze noden versus ons hechtingsalarm

De behoefte aan verbondenheid is een fundamentele menselijke behoefte en na de ouders in de kindertijd en onze peers onderweg zijn het vooral de partner(s) en kinderen bij wie we deze behoefte hopen ingevuld te zien. Wanneer we deze verbondenheid met hen dreigen te verliezen ontstaat er hechtingspaniek, slaat ons hechtingsalarm aan, maar drukken we dit – vaak onwetend en compulsief – en dus allesbehalve op de juiste manier uit.

De Amerikaanse professor J. Gottman – die wordt beschouwd als de Einstein van de liefde – bracht naast zijn wetenschappelijke inzichten omtrent oa ‘hoe de quality-time tussen geliefden te verhogen’ (zie de magische 5 uur). ook de metafoor van de ‘Vier ruiters van de Apocalyps’ (verwijzend naar het Oude Testament, in casu de Openbaringen van Johannes: de 4 ruiters die een ‘rampspoed’ aankondigen).

Deze staan bij Gottman voor de 4 negatieve communicatievormen die in een intieme relatie zoveel schade kunnen aanrichten dat deze krachtige voorspellers kunnen zijn van relationeel falen en dus scheiding. Uit zijn wetenschappelijke observatiestudies blijkt dat 95% van de koppels gaat scheiden indien deze ruiters te vaak en vooral samen optreden. Het vermogen van koppels om deze patronen te doorbreken en te veranderen is tevens een goede voorspeller voor de duurzaamheid van de intieme relatie.

John Gottman: “Repair during and after fight is the key to relationship success!”

De eerste ruiter:  kritiek

Deze ruiter is die van de persoonlijke aanval, de wijzende vinger, met “jij” als favoriete aanzet en de woorden “altijd, nooit” als conflictversterkers. “Er is iets mis met jou. Jij bent fout ! Jij bent alweer de vuilzakken vergeten buiten te zetten. Het interesseert je blijkbaar niet dat de garage stinkt. Jij neemt nooit je verantwoordelijkheid op”. Kritiek brengt een venijnige relatiedynamiek op gang, het levert vaak de brandstof voor een conflict en laat dit ook makkelijk escaleren. Het schept een gevechtssfeer en activeert automatisch het vecht- of vluchtmechanisme van ons instinctieve brein.

Het is beter je ergernis verstandig te uiten of gepast feedback te geven. Je zegt dan iets vanuit jezelf over het gedrag van de ander, zonder die onderuit te halen. Je blijft in het hier – en – nu, start met “ik”, zegt wat je observeert, deelt je gevoel en verduidelijkt je vraag. “Ik merk dat je vuilzak niet hebt buiten gezet en dat vind ik vervelend. We hadden daarover toch een afspraak gemaakt”.

De tweede ruiter: verdediging

Kritiek lokt dus een typisch instinctief gedrag uit, nl. verdediging. Bijna iedereen die zich aangevallen voelt reageert met afweer, met “Ja, maar” als veelvoorkomend begin. “Ja, maar ik heb de hele dag gewerkt en heb dan nadien nog de kinderen in het bad gezet. Ik ben dat vergeten”. Door zich te verdedigen gaat men niet in op wat de partner die ‘aanvalt’ tracht te zeggen. Het ego voelt zich bedreigd, het harnas aan, defensie voorbereid en daar gaat de energie… Men doet geen moeite om erachter te komen wat het precies is dat de ander zo stoort waardoor deze zich niet serieus genomen voelt en er vaak nog een schepje bovenop doet. Meestal gaat de verdediging dan ook weer over in een tegenaanval. “En ik dan ? Ik heb ook de hele dag gewerkt en wat als ik ook vergeet te koken of de kinderen vergeet af te halen ?”

Het is beter de actie – reactie te benoemen en te onderzoeken wat je partner zegt, proeven dus alvorens defensieve gal te spuwen. “Ik heb het gevoel me te gaan verdedigen wat ik niet wens, maar je “jij boodschap / kritiek” doet me wat pijn, kan zijn dat ik in de fout ben gegaan, kunnen we er anders over praten?”

De derde ruiter: minachting

Voor Gottman is dit de gevaarlijkste ruiter omdat hij tot doel heeft de ander bewust te kwetsen. De wapens van deze ruiter halen de ander helemaal onderuit, ontnemen de eigenwaarde en zorgen voor vernedering. Minachting kent vele gezichten: sarcastische opmerkingen, cynisme, een spottende blik, rollen met de ogen, … Minachting duikt niet plotseling op maar wortelt in ‘onuitgeklaarde negatieve ervaringen tussen beiden’ en ze wordt gevoed door ‘blijvende negatieve gedachtencirkels over de partner’

Bijvoorbeeld: ‘Ben je moe? Ocharme toch! Ik ben hier ook van deze morgen vroeg op om alles gedaan te krijgen, en het enige wat jij kan doen als je thuis komt is in je zetel ploffen als een klein kind en te gaan gamen of op je gsm tokkelen. Ik heb aan jou gewoon een kind er bij.’

Het is raadzaam te onderzoeken wat onderliggend blijft steken, hoe lang geleden ook. Waar en wanneer is ‘dit’ begonnen, wat werd niet uitgesproken, waar zit men nog mee in zijn / haar maag of ligt op de lever te sudderen. Oude niet-erkende en besproken pijn verzuurt de communicatie en dus de relatie. Anderzijds moet paal en perk gesteld worden en minachting buiten de intimiteit van de relatie gehouden worden. Het inschakelen van een professional (bemiddelaar / relatietherapeut) is hierbij nuttig.

De vierde ruiter: zich terugtrekken

Als een partner op een aanval reageert met verdediging is dat schadelijk omdat hij een conflict veroorzaakt, maar nog kwetsender is het als hij helemaal niet reageert door zich in stilzwijgen te hullen, te gaan lopen of een muur op te trekken. In het eerste voorbeeld van de vuilzakken zou dit betekenen dat de partner in kwestie niet reageert en bijvoorbeeld gewoon naar de living loopt en de TV opzet zonder een reactie te geven op zijn partner. Doordat hij zich afwendt, gaat hij een ruzie uit de weg zegt Gottman, maar ook de relatie. Er is geen contact meer, alleen nog afstand. Niets laat de ander zo machteloos achter omdat je de boodschap geeft: het interesseert me niet meer, je bent lucht voor me. Klank zonder beeld, weggaan, negeren zijn vormen van manipulatie en zeer nefast voor de veiligheid en het vertrouwen tussen beiden. Vermijdingsgedrag is des mensen, maar erken het, benoem het en vermijdt het zo veel mogelijk, zeker binnen intieme relaties. Het vraagt moed om heikel onderwerpen aan te kaarten en door te spreken maar geeft ook immens veel nieuwe energie, vertrouwen en hoop.

‘Bezint, eer ge bemint’ – zou ik willen afsluiten – én vooral smeed samen een weldoordacht strak plan om deze 4 vernietigende machten voorgoed uit jullie huis te bannen.

– Steve Van Herreweghe –