Berichten

Spijkers met gaten

Er was eens een jongen met zeer weinig zelfbeheersing. Zijn vader gaf hem een zak spijkers en zei tegen hem dat elke keer als hij zijn zelfbeheersing verloor, hij een spijker in de achterkant van de schutting moest slaan. De eerste dag sloeg de jongen 37 spijkers in de schutting. Over de volgende paar weken, toen hij leerde om zijn kwaadheid onder controle te krijgen, werd het aantal spijkers dat hij in de schutting sloeg geleidelijk aan minder. Hij zag in dat het gemakkelijker was om zijn zelfbeheersing niet te verliezen, dan al die spijkers in de schutting te slaan. Uiteindelijk, kwam de dag dat de jongen zijn zelfbeheersing niet meer verloor.

Hij vertelde dit aan zijn vader en zijn vader stelde voor dat de jongen nu voor elke dag dat hij zijn zelfbeheersing behield hij een spijker uit de schutting haalde.

De dagen gingen voorbij en de jonge man was eindelijk zover dat hij zijn vader kon vertellen dat alle spijkers waren verdwenen.

De vader nam de jongen bij de hand en ging met hem naar de schutting. Hij zei: “Je hebt het goed gedaan, mijn zoon, maar kijk nu eens naar al die gaten in de schutting. De schutting zal nooit meer hetzelfde zijn. Als je dingen zegt in woede, dan laten ze een litteken achter net als deze gaten. Je kunt iemand met een mes steken en het mes er weer uit trekken. Het maakt niet uit hoe vaak je zegt dat het je spijt, de wond zal er blijven.”

Woede, een universele emotie

Woede. We kennen het allemaal, net als het niet goed kunnen beheersen ervan.

Woede kent diverse gedaanten en is dus alomtegenwoordig. Het is een ongecontroleerde emotie die uit het niets kan tevoorschijn komen en vaak getriggerd wordt door een externe situatie of persoon.

Woede en agressiviteit zijn besmettelijk.  Ongeacht waar het zich afspeelt: in huis, in het verkeer, op het werk, op social media of in het wilde weg. Het heeft met spiegelneuronen te maken en het activeert onmiddellijk ons overlevingsmechanisme dat zetelt in het oude reptielenbrein: (terug)vechten of (weg)vluchten. Begrijpelijk dus dat wanneer het in ‘jouw veld’ te warm wordt door taal of gedrag van een verhitte ander, dat je dan zelf ook gaat gloeien. Het gloeien hoeft echter niet te betekenen dat je er naar moet handelen.

Woede is altijd 100% jouw emotie, de projectie ervan op de situatie, het afreageren op allerlei manieren 100% jouw verantwoordelijkheid.

Gelukkig maar. Want dit betekent dat jij wel degelijk 100% controle kunt ontwikkelen over deze destructieve en toxische energie.

Excuses en mythes

Je eigen woede beheersen. Het is één van de moeilijkste vaardigheden die je toch (!) kunt ontwikkelen.

Echter, heel vaak verschuilen we ons achter de volgende ‘klassieke’ excuses en mythes:

– “Ik ben nu eenmaal zo” => gedrag is als kledij, je kan het veranderen, yes you can!
– “O het was niet mijn bedoeling” => je intenties tellen niet wanneer je gedrag en het effect op een ander pijn doet, draai de rollen eens om.
– “Sorry” => de ‘sorry-plaat’ is er één die best niet teveel blijft hangen. Nadenken vooraleer je praat werkt beter dan excuses. Gif of gal spugen doe je beter in het toilet.

‘Maar hoe kan het dan anders?’

Het ABC-tje van woedebeheersing

Woedebeheersing vraagt inzicht en volwassen regulering. Het is oefenen in emotioneel intelligent gedrag en dus leerbaar en coachbaar.

Stop met denken dat de ander, de situatie, je werk, de maatschappij verantwoordelijk is voor jouw innerlijke emoties. Het leven buiten je houdt je slechts een spiegel voor en daagt je uit na te denken over je eigen keuzes, je koers, je reactiepatronen, je demonen, je verleden en je toekomst.

Start met denken “jij maakt mij niet boos, ik maak mezelf boos.” Dit is echt een doorbraak van jewelste en vormt trouwens de basis van het boeddhistische zelfreguleringsprincipe.

Onderzoek de wortels van je kwaadheid. Hoe intenser je woede, hoe ouder je pijn en hoe dieper je verdriet. Je zal merken dat niet de actuele situatie noch persoon aan de basis ligt, maar een langer en vaak vergeten verleden.

Experimenteer ook met de transformerende woededempers van rust, kalmte, plezier en humor. Het cultiveren van deze dempers in je leven, je agenda, je hoofd, je activiteiten bevordert de kwaliteit in je werk, relaties en leven.

‘En wat bij moeilijke relationele situaties?’

Check bijvoorbeeld deze spelregels. Het ABC-tje kan hierbij ook helpen:

Afleiding

Jezelf of de ander afleiden van het object of subject van de woede.

Wees de lamp ipv de lont en schakel over naar een helikoptermodus, activeer daardoor de innerlijke beschouwer, stop met jezelf boos te maken, stop met reageren, verschuif je focus van onmacht naar waar je wel macht (over hebt), verlaat desnoods (even) de situatie, koel af, kijk weg, adem in adem uit, beschouw vanuit rust.

Blootstelling

Eens de temperatuur is gezakt – en de ander ook emotioneel ‘beschikbaar’ is – de situatie op tafel leggen en er volwassen naar kijken, het aanpakken. De confrontatie durven aangaan. Want conflictvermijding is alleen goed in de eerste fase.

Het is raadzaam de situatie of de persoon meer vanuit mededogen en begrip te benaderen, spreek uit wat je voelt en dat je de situatie of ander wil begrijpen, luister, luister nog meer (dan je praat).

Correctie

Dit betreft een ander gedrag tonen, het vragen of voorstellen. Het gaat om het herstellen van veiligheid en vertrouwen.

Benoem je eigen aandeel zonder ‘(ja) maar’, stel de ander de vraag hoe die zich voelt, wat die zou willen, waar de pijn zit, wat die nodig heeft en wat jij kan doen. Verwoord ook voor jezelf hetzelfde naar die ander. Geef je grenzen aan en luister naar deze van de ander. Oefenen met ‘als…dan…’. Schakel eventueel een mentor of bemiddelende derde in.

Onthoud vooral het volgende:

“Beschadigde mensen beschadigen mensen, tot een veranderde houding de verhouding verandert.”

Wees dus bij ‘verhitting’ wat meer de held en wat minder het slachtoffer.

En jawel, oefening baart kunst…!

Good luck!

 

– Steve Van Herreweghe –

Lees meer

Bruno

Nooit zal ik hem vergeten. Bruno was lang één van mijn patiënten in het psychiatrisch ziekenhuis, ongeveer 10 jaar geleden. Bruno was een geïnterneerde en verbleef in een gesloten afdeling voor 2 jaar. Toen hij naar ons dagcentrum kwam leerde ik hem kennen als een heel gevoelige maar fijne man, getormenteerd door extreme mishandeling in de jeugdjaren. Vernielde ziel, maar wel één met een hele attente en diepzinnige rand. Bruno geraakte aan de drugs, werd psychotisch, pleegde ook misdrijven en geraakte zo in de gevangenis. Een alternatieve straf werd zijn deel. Bruno geraakte heel moeizaam uit het diepe dal van zijn leven en integreren in de maatschappij – met zo’n verziekte bodem, heel veel letterlijke en emotionele schulden – leek net als beginnen aan een heuse bergbeklimming, na een marathon te hebben gelopen..

Uiteindelijk stapte hij uit het leven nadat hij opnieuw een strafrechtelijk feit had gepleegd en terug naar de gevangenis werd verwezen, waar de veilige muren de ‘bange-jongen-in-hem’ slechts tijdelijk van bescherming konden voorzien. Dit ‘geïnstitutionaliseerd’ zijn – want zo luidt deze dramatiek – wordt trouwens subliem beschreven én verfilmd in ‘The Shawshank Redemption’, naar het boek van Stephen King.

Bruno had één welbepaalde favoriete quote waarmee ik hem altijd zal blijven associëren. Hij kon dit zo vaak herhalen in gesprekken en tegen zijn medepatiënten in groep, het was zijn lijfspreuk geworden en hij gebruikte dit om zijn levensloop én inherente problematische ontwikkeling te illustreren:

“Wanneer jij je wijsvinger uitsteekt naar iemand, zijn er altijd drie vingers die in jouw richting zijn gedraaid”

Kritiek, verwijt, beschuldiging, zeker wanneer het herhaaldelijk gebeurt, schept afstand, kwaad bloed en schade. Ik schreef erover in de 4 vernietigende ruiters binnen elke betekenisvolle relatie en moedig ook aan om met zijn allen minder vanuit ego en steeds meer vanuit ziel te verbinden.

Want, in een wereld waarin onwetendheid, oordeel en verwerping vaak centraal staan, kleine en grote oorlogen worden uitgevochten binnen en buiten onze kamers, en één simpele wijsvinger in de richting van een ander de basis kan leggen van strijd, dan denk ik nog vaak aan Bruno’s wijze maar tevens intrieste woorden. Want woorden, die kunnen nu eenmaal goden maken maar tegelijk ook duivels kraken.

– Steve Van Herreweghe –

#30dagenzonderklagen.

Het mogen er ook 30.000 zijn, wat mij betreft. Let op, een klaag- of roddelkwartiertje kan wel eens deugd doen, zeker wanneer we er bewust van zijn, zuur verdient dan ook een plaats, zoals kiwi in een fruitmand, of citroen op een glas cola of in het vispannetje, maar het hoeft niet de hele mand in beslag te nemen, noch het gerecht of de sfeer te overheersen.

Bewuste mensen weten dat tegenslag, verlies, omwentelingen net als eb en vloed, de seizoenen, en de vele biopsychoemotionele cycli deel uitmaken van de stroom des levens. Zij vertrekken vanuit een interne locus of control en winnen aan energie en macht door een proactieve attitude.

Onbewuste mensen zien de buitenwereld als gescheiden van zichzelf en vervallen in klaagzangen, waarnemings-, attributie- en andere denkfouten. Zij vertrekken vanuit een externe locus of control en verliezen vaak aan energie en macht door een reactieve attitude.

Groeien in bewustzijn kan, maar het vraagt bijzonder veel moed, kritische introspectie, onderscheidingsvermogen, verantwoordelijkheidszin en assertief-empathische communicatie.

Aan de basis van ons wereld- en werkelijkheidsbeeld, ligt vaak ons zelfbeeld, en dit wordt grotendeels opgebouwd door onze interne en externe dialoogvoeringen vanuit een ver verleden tot in het hier-en-nu-en-later.

Vandaar een bijzondere aandacht voor deze 2 boodschappen die echt het verschil kunnen maken op weg naar een (nog) bewuster en milder leven:

1. Draag zorg voor je gedachten wanneer je alleen bent

Volgens het Standford Research Institute (Washington, VS) denkt een gemiddeld mens zo’n 120.000 gedachten per dag, een stijging van 70.000 ten opzichte van 15 jaar geleden, toen men het onderzoek begon. Een groot deel hiervan is niet effectief en zelfs belemmerend voor ons functioneren. Het zijn de zogenaamde nutteloze gedachten als ‘wat denkt hij van mij, ik ben niet goed genoeg, waarom dit nu weer’, enz. Bovendien weten we dankzij de neuro- en biopsychomedische wetenschappen dat ‘elke gedachte die we opvangen of produceren bepaalde ‘sporen’ nalaat in het lichaam en dat die ‘sporen’ dieper gaan wanneer we dergelijke ‘loops’ blijven herhalen (bijv. bij overmatig piekeren). In een wereld waarin individueel en collectief mentale overbelasting overheerst is het steeds moeilijker geworden om het overzicht te bewaren, controle te ervaren en ons innerlijk echt ‘vrij’ te voelen.

Het is m.a.w. niet langer een kwestie van ‘hoe gedachten mij met rust moeten laten maar veeleer hoe ik mijn gedachten met rust moet leren laten’. Toegepaste zachtheid naar binnen als mentale zorgoefening. Want gedachten zijn als voorbijtrekkende wolken : nu eens traag, dan weer snel, soms licht of zwaar en bij tijden ook heel donker, maar altijd, altijd trekken ze voorbij, tenminste als we ze ook zo beschouwen. Jij hoeft je er niet aan vast te klampen, noch erdoor te laten meevoeren, is de boodschap. En oefening baart kunst. “Er is de gedachte aan …” uitspreken kan helpen om er afstand van te nemen en met “brengt deze gedachte me dichter of verder bij mijn doel?” als bijkomende hulpvraag.

2. Draag zorg voor je woorden wanneer je met anderen bent

Woorden kunnen goden maken, maar ook duivels kraken. En je maakt jezelf ook nooit witter door een ander zwart te maken. Onbegrip en negatieve projectie vormen vaak de motor van conflict en gevecht, met chronische stress en angst als olie, onwetendheid als sleutel en met toenemende emotionele afstand, ziekte en weerstandsdaling als onverbiddelijk resultaat. En dit terwijl we met zijn allen hetzelfde nastreven: ons erkend, begrepen en geliefd voelen. Ik las ooit dat “één goed woord wel voor drie winters warmte kan voorzien, terwijl één kwaad woord voor zes maanden vorst zorgt.” Mooie en treffende beeldspraak. Nadenken alvorens we ‘schieten’ dus, want tijd om een woord toe te voegen is er wel, tijd om er één terug te nemen niet. En bovendien hebben mensen al – diep verscholen – schotwonden genoeg…

Alleen inkeer en bewustwording van je diepere kern en(on)zichtbare verbondenheid met alles en iedereen rondom kan soelaas en verlichting bieden. De echt gelukkigen onder ons gebruiken de ander als spiegel en niet langer als doel(wit). Toegepaste zachtheid naar buiten als sociale zorgoefening. Want de echt gelukkigen onder ons stellen veeleer grenzen i.p.v. deze bij anderen te overschrijden. Denk daarom ook steeds sneller dan je praat en zeef je woorden vooral heel secuur alvorens je ze verzendt : “zijn ze wel bon?” (bedachtzaam, opbouwend en nuttig).

Succes!

– Steve Van Herreweghe –

“Love Is All We Need”

En toch slagen we er vaak niet in om deze diepmenselijke behoefte te erkennen bij onszelf en bij onze dierbaren..

Waar we wel in slagen zijn ‘spelletjes spelen’ om verbondenheid manipulatief en soms destructief af te dwingen.

Het is één van de vele relatiemythes dat ruzie maken nodig is om een stevige relatie uit te bouwen. Niets is minder waar. Diverse vormen van ruzie laten zonder pardon onuitwisbare sporen na en knagen aan de binnenkant, en dus ook buitenkant van elke relatie. Het moet dus echt veel korter en gerichter (zie ook andere spelregels) en het liefst zo weinig mogelijk.

Onze noden versus ons hechtingsalarm

De behoefte aan verbondenheid is een fundamentele menselijke behoefte en na de ouders in de kindertijd en onze peers onderweg zijn het vooral de partner(s) en kinderen bij wie we deze behoefte hopen ingevuld te zien. Wanneer we deze verbondenheid met hen dreigen te verliezen ontstaat er hechtingspaniek, slaat ons hechtingsalarm aan, maar drukken we dit – vaak onwetend en compulsief – en dus allesbehalve op de juiste manier uit.

De Amerikaanse professor J. Gottman – die wordt beschouwd als de Einstein van de liefde – bracht naast zijn wetenschappelijke inzichten omtrent oa ‘hoe de quality-time tussen geliefden te verhogen’ (zie de magische 5 uur). ook de metafoor van de ‘Vier ruiters van de Apocalyps’ (verwijzend naar het Oude Testament, in casu de Openbaringen van Johannes: de 4 ruiters die een ‘rampspoed’ aankondigen).

Deze staan bij Gottman voor de 4 negatieve communicatievormen die in een intieme relatie zoveel schade kunnen aanrichten dat deze krachtige voorspellers kunnen zijn van relationeel falen en dus scheiding. Uit zijn wetenschappelijke observatiestudies blijkt dat 95% van de koppels gaat scheiden indien deze ruiters te vaak en vooral samen optreden. Het vermogen van koppels om deze patronen te doorbreken en te veranderen is tevens een goede voorspeller voor de duurzaamheid van de intieme relatie.

John Gottman: “Repair during and after fight is the key to relationship success!”

De eerste ruiter:  kritiek

Deze ruiter is die van de persoonlijke aanval, de wijzende vinger, met “jij” als favoriete aanzet en de woorden “altijd, nooit” als conflictversterkers. “Er is iets mis met jou. Jij bent fout ! Jij bent alweer de vuilzakken vergeten buiten te zetten. Het interesseert je blijkbaar niet dat de garage stinkt. Jij neemt nooit je verantwoordelijkheid op”. Kritiek brengt een venijnige relatiedynamiek op gang, het levert vaak de brandstof voor een conflict en laat dit ook makkelijk escaleren. Het schept een gevechtssfeer en activeert automatisch het vecht- of vluchtmechanisme van ons instinctieve brein.

Het is beter je ergernis verstandig te uiten of gepast feedback te geven. Je zegt dan iets vanuit jezelf over het gedrag van de ander, zonder die onderuit te halen. Je blijft in het hier – en – nu, start met “ik”, zegt wat je observeert, deelt je gevoel en verduidelijkt je vraag. “Ik merk dat je vuilzak niet hebt buiten gezet en dat vind ik vervelend. We hadden daarover toch een afspraak gemaakt”.

De tweede ruiter: verdediging

Kritiek lokt dus een typisch instinctief gedrag uit, nl. verdediging. Bijna iedereen die zich aangevallen voelt reageert met afweer, met “Ja, maar” als veelvoorkomend begin. “Ja, maar ik heb de hele dag gewerkt en heb dan nadien nog de kinderen in het bad gezet. Ik ben dat vergeten”. Door zich te verdedigen gaat men niet in op wat de partner die ‘aanvalt’ tracht te zeggen. Het ego voelt zich bedreigd, het harnas aan, defensie voorbereid en daar gaat de energie… Men doet geen moeite om erachter te komen wat het precies is dat de ander zo stoort waardoor deze zich niet serieus genomen voelt en er vaak nog een schepje bovenop doet. Meestal gaat de verdediging dan ook weer over in een tegenaanval. “En ik dan ? Ik heb ook de hele dag gewerkt en wat als ik ook vergeet te koken of de kinderen vergeet af te halen ?”

Het is beter de actie – reactie te benoemen en te onderzoeken wat je partner zegt, proeven dus alvorens defensieve gal te spuwen. “Ik heb het gevoel me te gaan verdedigen wat ik niet wens, maar je “jij boodschap / kritiek” doet me wat pijn, kan zijn dat ik in de fout ben gegaan, kunnen we er anders over praten?”

De derde ruiter: minachting

Voor Gottman is dit de gevaarlijkste ruiter omdat hij tot doel heeft de ander bewust te kwetsen. De wapens van deze ruiter halen de ander helemaal onderuit, ontnemen de eigenwaarde en zorgen voor vernedering. Minachting kent vele gezichten: sarcastische opmerkingen, cynisme, een spottende blik, rollen met de ogen, … Minachting duikt niet plotseling op maar wortelt in ‘onuitgeklaarde negatieve ervaringen tussen beiden’ en ze wordt gevoed door ‘blijvende negatieve gedachtencirkels over de partner’

Bijvoorbeeld: ‘Ben je moe? Ocharme toch! Ik ben hier ook van deze morgen vroeg op om alles gedaan te krijgen, en het enige wat jij kan doen als je thuis komt is in je zetel ploffen als een klein kind en te gaan gamen of op je gsm tokkelen. Ik heb aan jou gewoon een kind er bij.’

Het is raadzaam te onderzoeken wat onderliggend blijft steken, hoe lang geleden ook. Waar en wanneer is ‘dit’ begonnen, wat werd niet uitgesproken, waar zit men nog mee in zijn / haar maag of ligt op de lever te sudderen. Oude niet-erkende en besproken pijn verzuurt de communicatie en dus de relatie. Anderzijds moet paal en perk gesteld worden en minachting buiten de intimiteit van de relatie gehouden worden. Het inschakelen van een professional (bemiddelaar / relatietherapeut) is hierbij nuttig.

De vierde ruiter: zich terugtrekken

Als een partner op een aanval reageert met verdediging is dat schadelijk omdat hij een conflict veroorzaakt, maar nog kwetsender is het als hij helemaal niet reageert door zich in stilzwijgen te hullen, te gaan lopen of een muur op te trekken. In het eerste voorbeeld van de vuilzakken zou dit betekenen dat de partner in kwestie niet reageert en bijvoorbeeld gewoon naar de living loopt en de TV opzet zonder een reactie te geven op zijn partner. Doordat hij zich afwendt, gaat hij een ruzie uit de weg zegt Gottman, maar ook de relatie. Er is geen contact meer, alleen nog afstand. Niets laat de ander zo machteloos achter omdat je de boodschap geeft: het interesseert me niet meer, je bent lucht voor me. Klank zonder beeld, weggaan, negeren zijn vormen van manipulatie en zeer nefast voor de veiligheid en het vertrouwen tussen beiden. Vermijdingsgedrag is des mensen, maar erken het, benoem het en vermijdt het zo veel mogelijk, zeker binnen intieme relaties. Het vraagt moed om heikel onderwerpen aan te kaarten en door te spreken maar geeft ook immens veel nieuwe energie, vertrouwen en hoop.

‘Bezint, eer ge bemint’ – zou ik willen afsluiten – én vooral smeed samen een weldoordacht strak plan om deze 4 vernietigende machten voorgoed uit jullie huis te bannen.

– Steve Van Herreweghe –

Het gaat tegenwoordig snel, heel snel. We hebben het druk met 1001 dingen en “geen tijd voor” wordt stilaan een algemeen aanvaard stopzinnetje om wat werkelijk belangrijk is te verdrukken. Tot het natuurlijk niet meer kan, tot ziekte, onophoudelijk geruzie, afstand of zelfs een scheiding uitbreekt…

Kwaliteitsdenkers maken gewag van het belang van prioriteitengebaseerde tijdsbesteding, jouw persoonlijke prioriteiten. Buig je eens over je agenda en stel de hamvraag : beg/heer ik mijn agenda of beg/heert mijn agenda mij? Is er wel degelijk evenwicht tussen activiteit en … intimiteit?

Eén van dé belangrijkste waarden en pijlers van veerkracht in het leven blijft nog steeds de intieme relatie met je partner.

Een relatie is, net als een bloem, een levend organisme : het ‘wij’ kent een geboorte, groeipijnen, behoeften, een eigen karakter en een bestemming. Hou het daarom levendig, blijf het voeden, verzorg de bodem, geef het voldoende licht, water en liefde, en dit op een dagelijkse basis.

Gottman, een gerenommeerd Amerikaans professor in de psychologie (Washington) bestudeerde met zijn team langdurig koppels met een zgn. sterke ‘partnerband’. Deze bleken niet enkel de 4 ruiters in bedwang te houden, maar vooral ook gemiddeld genomen per week 5 uur kwaliteitsvol met elkaar ‘bezig zijn’ … het seksueel contact zelfs buiten beschouwing gelaten. Deze magische 5 uur zorgen ervoor dat de chemie, de verbondenheid, het rustgevoel, de vitaliteit in je relatie en dus in je leven aanwezig blijft.

De Magische 5 uur:

Afscheid: zorg voordat je ’s morgens afscheid neemt van je partner op de hoogte te zijn van een ding dat er die dag in zijn of haar leven gebeurt, of dat nu een lunch met de baas is, een bezoek aan de dokter of een gepland telefoontje met een oude vriend(in)
Tijd: 2 minuten / dag x 5 werkdagen
Totaal: 10 minuten

Weerzien: zorg aan het eind van elke werkdag voor een gesprek ter vermindering van je stress. De vraag “hoe was het vandaag schat?” gevolgd door een begripvol – vanuit een ‘wij-tegen-de-anderen’-houding – beluisteren van elkaars belevenissen, werkt heel destresserend en versterkt het gevoelsmatig en relationeel welbevinden
Tijd: 20 minuten / dag x 5 dagen
Totaal: 1 uur en 40 minuten

Bewondering en waardering: probeer elke dag een manier te vinden om oprechte genegenheid en waardering aan je partner te laten blijken
Tijd: 5 minuten / dag x 7 dagen
Totaal: 35 minuten

Genegenheid: kus elkaar, raak elkaar aan, houd elkaar vast en knuffel elkaar in de tijd dat je bij elkaar bent. Denk eraan elkaar een kus te geven voordat je gaat slapen. Beschouw die kus ook als een manier om kleine ergernissen die zich in de loop van de dag hebben opgebouwd te laten verdwijnen.
Tijd: 5 minuten / dag x 7 dagen
Totaal: 35 minuten

Wekelijkse afspraak: dit kan een ontspannen, gemakkelijke manier zijn om contact met elkaar te houden. Stel elkaar vragen om je liefdeskaarten bij te werken en richt je op elkaar. Uiteraard kan je deze afspraak ook gebruiken om zo nodig een probleem of een ruzie die je hebt gehad uit te praten.
Tijd: 2 uur / week
Totaal: 2 uur

——————————-
Algemeen totaal: 5 uur

En dan nu, aan de slag!

– Steve Van Herreweghe –

Het is stil waar het niet waait’ … ‘alleen bomen komen elkaar nooit tegen’, hoor je wel eens zeggen. Klopt als een bus! Geen echt contact zonder wrijving, en na wrijving komt glans … soms … maar soms ook niet …

Het is één van de vele relatiemythen dat ‘een fantastische relatie steeds een vredige relatie is’. Intieme relaties zonder wrijving of conflict bestaan niet. Elke wrijving heeft echter een reden én een doel. De natuurkunde leert ons trouwens dat ‘wrijving’ kan leiden tot vormverandering en warmteproductie. Productie van nieuwe energie, warmte dus, zolang we maar niet oververhit geraken!

We zijn ‘hier’ finaal om te leren en te groeien als mens. Een dispuut, een ruzie, een conflict betekent dat er een diepere ontmoeting plaatsvindt tussen mensen. Door onwetendheid, angst en gewoontevorming kiezen we vaak voor ‘onaangepast ruziegedrag’: we vechten, vluchten of bevriezen en we halen de 4 onheilspellende ruiters op ons relationeel toneel. Heel zelden kiezen we voor een volwassen aanpak. Het doel van ‘wrijving’ is niet dat we winnen of verliezen of het gebeuren gaan ontkennen. Het doel is dat we bewuster worden van onszelf en evenwichtiger in relatie tot de ander kunnen functioneren.

In een intieme relatie verlangen we 3 essentiële zaken: (1) erkenning (2) invloed hebben en (3) geliefd worden. Een positieve, intieme, vruchtbare relatie is ook een onmiskenbare krachtbron om je vitaal en creatief in het leven te geven. ‘Respect’ is hierbij altijd het sleutelbegrip. Conflicten zijn vaak te herleiden tot een verwerping van of een onevenwicht tussen deze drie essentiële behoeften.

Bovendien vormen conflicten en ruzies vaak het topje van de ijsberg, verbergen ze veelal trauma’s uit vroegere intieme relaties, en verwijzen ze naar een fundamenteel gebrek aan eigenwaarde. Blijven hangen in woede- en pijncirkels verlengt de dramatiek en is immens beschadigend voor het veiligheidsgevoel en het wederzijds vertrouwen. Onthoud dat partners spiegels zijn van en voor elkaar, geen doelwitten! Juist dáárom is elke strijd, elk conflict een kans tot ver-zoen-ing met zichzelf en de ander.

Hieronder volgen een aantal ‘spelregels‘ indien er een ruzie of conflict is tussen partners:

1. Hou het ‘onder ons’

Ruzie is privé. Vermijd het betrekken van derden erbij, tenzij het om een deskundige gaat. Maak vooral ook geen ruzie in bijzijn van kinderen, dit kan voor ernstige emotionele schade zorgen en bovendien gaan ze ook dit voorbeeld volgen.

2. Blijf waardig

Hoogspanning zorgt voor heel wat averij. Emotionele uitbarstingen raken heel diep en missen altijd hun doel. “Ik meende het niet” is te laat. Bijt nog liever je tong af dan dat jij je impulsief stort in het gevecht. Blijf waardig jezelf, hou je hoofd koel en denk 10 maal na alvorens je gal spuugt.

3. Verschuif van solo-denken naar samen-denken

Veel conflicten zijn gebaseerd op misverstanden, jouw specifieke manier van denken over de situatie en het gedrag van je partner. Wees bereid om de ‘zes’ eens als ‘negen’ te bekijken en je partners visie te onderzoeken, misschien leer je nog iets?

4. Blijf bij de zaak

Wapen je niet met oude koeien, focus je op de situatie. Blijf dus bij de zaak en breid het onderwerp ook niet uit maar baken het af. Blijf bij ruzies bij de inhoud en verzorg de wijze waarop je communiceert. Vaak verschuift de ruzie naar ‘de manier waarop’ en dan wordt het complexer.

5. Beoefen meer zelfkritiek dan verwijtpolitiek

Vermijd “jij dit, jij dat”, dat verlengt en stookt het ‘gevecht’ alleen maar aan. Richt je naar binnen, onderzoek je eigen deel, proef de kritiek van je partner zonder deze uit te spuwen. Toegeven als je ongelijk hebt werkt bevrijdend. Het gaat minder om gelijk hebben, meer om gelukkig worden.

6. Speel de bal, niet de man

Wees heel zuinig met – vaak ten onrechte gebruikte – veralgemeningen zoals “altijd” en “nooit”. Een mug is geen olifant, blaas de situatie dus niet op. Focus je op de echte feiten. Als je partner ‘geen tijd heeft’, ‘koel’ of ‘koppig’ is hij / zij daarom nog geen ‘koppige ongevoelige egoïst(e)’

7. Opkomen voor jezelf is een keuze, niet altijd een vereiste

Jij hebt het recht om je gedachten, wensen en gevoelens te uiten. Onderdrukking hoeft niet. Jij bent wie je bent en jouw partner is wie die is. Water bij de wijn zorgt voor slecht water en slechte wijn. Echter, assertiviteit mag geen excuus zijn voor vechtlust, gematigdheid kan ook.

8. Weet waar de eindstreep ligt, hou de neuzen in dezelfde richting

De lont is dikwijls snel ontstoken. Woedebeheersing is een ware kunst, doch leerbaar. Stress, vermoeidheid en miscommunicatie liggen hierbij vaak aan de basis. Hoe intenser de ruzie, hoe dieper de wortels, hoe schadelijker het effect. Als je ruziet onthou vooral het doel ervan, maak van ruzie geen hobby, hou het kort en effectief.

9. Probeer eens de humor ervan te doorzien

Neus aan neus? Dan staat de gevechtsmodus op ‘aan’: adrenaline giert door je bloed, spieren gespannen, overleven de missie. STOP! Probeer de helikoptervisie: bekijk de situatie op denkbeeldige afstand, adem rustig, probeer eens een lach om jezelf. Humor ontspant, en verlicht.

10. Stel je grenzen en respecteer deze van de ander

Een ruzie, een relatieprobleem komt vaak neer op: 1. ‘te dicht bij’ of 2. ‘te ver van’ elkaar staan. De vaagheid der persoonlijke grenzen speelt hierbij een grote rol. Weten wat je wilt en wat niet, en dit consequent naleven is cruciaal. En, alleen als je ‘neen’ een ‘neen’ is, kan je ‘ja’ een ‘ja’ zijn.

11. Appelen zijn geen peren. De verschillen maken het boeiend

Net als jij is je partner een uniek individu met kwaliteiten én valkuilen. Sommige kenmerken zijn aantrekkelijk, andere ergerlijk, ook dit geldt in beide richtingen. Partners hebben veel gemeen, daarom zijn ze ook partners! Waardeer naast jullie overeenkomsten vooral ook jullie verschillen.

12. Eerst begrijpen dan begrepen worden

Wees de beste luisteraar! Gebruik de LSD-techniek (luisteren – samenvatten – doorvragen). “Bedoel je dat…?” “Begrijp ik het goed als je zegt…” zijn voorbeelden hiervan. Als je partner zich begrepen voelt verzacht dat vaak de spanning en het inspireert hem / haar ditzelfde te doen.

– Steve Van Herreweghe –

Een prominent professor uit het Westen ging langs bij een Zenmeester in het verre Oosten. Hij wou antwoord op het gegeven dat zijn studenten steeds minder naar zijn lessen kwamen. Terwijl de Zenmeester hem thee inschonk bleef de professor maar doorvertellen over de mogelijke oorzaken en de mogelijke antwoorden die Zen hem zou kunnen bieden. De Zenmeester schonk de kom vol tot aan de rand en bleef maar doorschenken. De professor merkte dat de kom plots overliep en kon zich niet langer beheersen. “Stop stop stop, de kom is helemaal vol, er kan niets meer bij!”, stamelde hij. “U bent net als deze kom”, antwoordde de meester kalm. “Hoe kan ik u Zen onderwijzen, als u niet eerst uw eigen kom leeg maakt?”

Echt luisteren, we doen het allemaal veel te weinig. De hoofden worden steeds voller, de contacten steeds holler. Voortdurend zijn we op de vlucht via de snelweg van onze gedachten, woorden en verlangens, naar het land van nergens. Net als een bende opgejaagde konijnen, de wortel van geluk in het vizier, ervan overtuigd dat zowel het pad als de bestemming voldoende gekend zijn en de ander zo snel mogelijk moet voorbijgestoken worden of ja zelfs best uit de weg wordt gekegeld. Alsof we in het intermenselijke ‘verkeer’ niets meer te leren of te ervaren hebben, en ook alles al weten. Het kan echter ‘verkeren’, zei Bredero. Ook in de openingscene van de inspirerende film Crash (2004) wordt dit sociaal fenomeen kernachtig geformuleerd :

“In L.A., nobody touches you. We’re always behind this metal and glass. I think we miss that touch so much, that we crash into each other, just so we can feel something.”

Wie neemt anno 2017 nog echt de tijd én de ruimte om werkelijk te verstillen en te luisteren? Wie is echt nog aanwezig bij en ontvankelijk voor het verhaal van die kleine of grote ander, de zorgzame partner, de energieke kids, die verzuurde collega, de vriendelijke postbode of kwieke buur? Maar vooral, wie heeft nog voeling met zichzelf? Wie luistert nog naar de diepe roerselen in diens eigen binnenkant, de soms chaotische en vaak onnavolgbare onderstroom? Wie neemt nu nog echt de tijd en de ruimte om te de prikkels te verwerken, deze te herkauwen, het vaak vertroebelde innerlijke water op te helderen? En wie neemt nu nog echt de tijd en de ruimte om ditzelfde proces ook bij de ander te zien, het te beluisteren en het toe te laten…?

Luisteren, hoe cliché ook, het is dé enige echte basis van verbinding, en we hebben het echt verleerd omdat we de voeling met de eigen innerlijke levensdraad ergens onderweg zijn kwijt geraakt en zodoende ook de bedrading met de ander hebben zien verzwakken of zelfs helemaal verloren. Vervreemding en isolement, en dit te midden van al die hunkering, drukte en overvloed. In luisteren schuilt ‘lui-ster’, ofwel in ‘luiheid’ de ‘ster’ (her)ontdekken, het licht dat verlicht aan de vaak verdonkerde binnenkanten des mensen, dieren en dingen.

Ik lui-ster, jij lui-stert, wij lui-ster(r)en.

Bedankt om te blijven luisteren!